16-09-08

Dag 12: Via Gold Country naar Wine Country

Vrijdag 21 juli 2006 

Het eerste werk deze morgen is H bellen. Hij klinkt duidelijk zwakker en zegt dat hij inderdaad vooral moe is, maar dat het verder vrij goed gaat en dat hij niet meer zo misselijk is geweest. Morgen mag hij naar huis, maar eerst moet hij nog een inspuiting krijgen in zijn buik en daar is hij nogal bang voor. Telkens wordt het C teveel als we over H spreken. Ze kan zelf niet aan de telefoon komen. We ontbijten in de immense lobby van het hotel. Het ontbijtbuffet is in de prijs inbegrepen en er heerst opnieuw dezelfde ongezellige drukte als gisteren: lang aanschuiven en vooral veel kinderen, joelend, huilend, luidruchtig rond rennend. Als je je ogen sluit, zou je denken dat je op een camping zit. Het is opnieuw zwaarbewolkt, maar de temperatuur is ideaal: 75°F (24°C). We vertrekken al om 7.15 uur. Vandaag hebben we eindelijk eens tijd zat. We hebben slechts 170 mijl af te leggen naar Sonoma, in de beroemde Californische wijnvallei. We rijden doorheen de bossen en heuvels van het uitgestrekte skigebied achter Lake Tahoe. Ondanks de drukte op de weg – de Amerikanen lijken al op weg voor een weekendje aan het meer – schieten we goed op. Onze Saturn valt hier echter door de mand en bewijst dat hij niet zo stoer en sterk is als hij wil laten uitschijnen. Af en toe kruipt hij slechts moeizaam en kreunend de hellingen op en worden we door iedereen – ook vrachtwagens – voorbij gestoken. Na ongeveer 50 mijl is er geen wolkje meer te bespeuren en zitten we terug volop in de zon. De temperaturen lopen dan ook snel op. Vandaag zullen we ons persoonlijk record breken: 105°F (41°C). USA NW 52Ook de lokale mensen klagen trouwens van de uitzonderlijke hitte. Nog vóór de middag bereiken we Placerville. Dit is Gold Country of El Dorado en dat zal je geweten hebben. Overal verwijzen borden en opschriften naar de heroïsche tijden dat goudzoekers uit het hele land naar hier kwamen om met het goud hun geluk te zoeken. Of er ook veel zijn die het gevonden hebben, durf ik te betwijfelen. Het oude centrum van het stadje is mooi en gezellig met zijn vele oude gebouwen en winkeltjes. Op het einde van de Main Street staat een torentje met een bel bovenin. Onderaan is er een schavot waar destijds de USA NW 53schurken werden opgehangen. Daaraan heeft het stadje zijn bijnaam van ‘Hanging Ville’ te danken. We hebben nog wat tijd over en slaan een smalle zijweg in naar Colonna, een ander historisch stadje uit de goudzoekertijd. Nu is het één groot historisch park met overblijfselen uit die periode en een museum, maar wij hebben geen tijd (en ook geen zin) om het te bezoeken. We gaan wel even binnen bij de smid aan de overkant van de weg. Hij staat aan het hete vuur het gloeiende ijzer te bewerken op zijn aambeeld. Hij beweert dat het hier 110°F (43°C) is en dat de hitte nooit went. Het enige voordeel van de hitte, zegt hij, is het feit dat er geen muggen zijn. 

We wijken nog even verder af van onze geplande route en rijden door tot in Auburn. Dat blijkt een nog leuker stadje te zijn dan Placerville en dus de ideale plek voor de lunch. We vinden een echt oude taverne, recht uit een Amerikaanse road movie geplukt. Hier moeten we zo Amerikaans mogelijk USA NW 54eten. Ik kies voor een authentieke burger met french fries; C houdt het bij een sandwich pastrami met koude aardappelsla en... dat smaakt lekker! Een vierde van de tafel wordt ingenomen door flesjes en tubes met allerlei sausjes: pikante pepersaus, gele mosterd, Dijon mosterd, rode en groene Tabasco en natuurlijk ketchup. Na het eten trekken we verder en draaien de IS80 freeway op, een vierbaansweg met middenberm zoals onze autostrades. Hier in Californië mag je 65 mijl (100 km) per uur rijden en dat is toch al iets sneller dan de 60 mijl (90 km) in Washington en zelfs maar 55 (80 km) in Oregon. Dat schiet natuurlijk lekker op. Zo stel je nog wel meer verschillen en eigenaardigheden vast in de wetgeving van de verschillende staten. Ik vermelde bv al dat er in Oregon geen taks moet bijgeteld worden bij de rekening en in Washington en Californië wél. In Oregon is het dan wel wettelijk verplicht je handen te wassen na gebruik van het toilet; in Californië moet het horecapersoneel dat zelfs verplichtend doen met warm water en zeep. In Washington moet in de restaurants bij alle eiergerechten de waarschuwing staan dat te licht gekookt voedsel tot ziekte kan leiden. Om die reden waren er in Crescent City zelfs geen eieren ‘sunny side-up’ te verkrijgen. 

Het landschap doet een beetje aan Toscane denken. We maken een wijde bocht rond de grootstad Sacramento, waarvan de aanblik vanuit de verte toch op een echte skyline begint te lijken. In de tegengestelde richting zijn er mijlenlange files, maar aan onze kant valt het mee. Wij hebben alleen af te rekenen met een kleine file ter hoogte van Roseville. Aan de exit naar Napa is het nog slechts 22 mijl naar Sonoma. Maar hier wordt het pas écht druk. Zowel op de freeway, die naar San Francisco loopt, als op de wegen er naartoe, staat alles stil. Maar ook nu weer rijden we in de goede richting en hebben we er geen last van. Al spoedig duiken de eerste wijngaarden op en de omgeving van Sonoma is zeer mooi, maar vooral het gezellige centrum van het stadje – een heus dorpsplein met winkels en restaurants rondom – trekt ons aan. De aanwijzingen van de routeplanner naar het “Doubletree Hotel at Sonoma" blijken niet te kloppen. Als ik een voorbijganger ter hulp roep, zegt hij het hotel te kennen, maar dat het zeer moeilijk uit te leggen is, vooral omdat er onderweg een omleiding is. We moeten in Rohnert Park zijn en dat is geen park in Sonoma, zoals wij dachten, maar een stadje 25 mijl verder! USA NW 55Ontgoocheling, want we zien de leuke restaurantjes al aan onze neus voorbijgaan. De weg er heen is moeilijk en traag (files) en uiteindelijk belanden we terug op de US101. Aan de exit ‘Golf Court Bvd’ zien we het hotel liggen, niet erg aantrekkelijk gekneld tussen twee drukke wegen en een spoorweg. Dat valt tegen, want we overnachten hier tweemaal. We parkeren op de grote parking, die ook dienst doet voor een shopping mall, maar we vinden niet meteen de ingang van het hotel. Dan blijkt dat de toren met de naam van het hotel op, die we vanop de snelweg zagen, niet tot het hotel behoort en enkel dient als oriëntatiepunt. Het hotel ligt enkele honderden meters verder aan de rand van een golfterrein en ziet er al heel wat beter uit. Het behoort ook al tot de Hiltonketen, maar het is bescheidener en toch chiquer dan gisteren. De lounge is groot en oogt luxueus. We krijgen een warme chocoladekoek ter verwelkoming en nemen onmiddellijk onze kamer in. We aarzelen even omdat het geen ‘niet rokers’-kamer is en het er duidelijk stinkt naar sigaretten. Als we echter een tijdje op de kamer zijn, is de reuk minderUSA NW 56 nadrukkelijk en we beginnen aan onszelf te twijfelen zodat we besluiten om ze toch maar te nemen. Na een deugddoende verfrissing en het invullen van mijn dagboek gaan we naar beneden. In het salon is er voor de gasten een ‘Manager’s Reception’ met wijnproeverij. Dat buitenkansje laten we ons niet ontglippen en we schuiven dichterbij de tafel waarachter een vriendelijke dame ons verwelkomt. Ze vertegenwoordigt het wijnhuis Kendall-Jackson uit Russian Valley, één van de valleien van Sonoma Country. Ze is Engelse en woont hier zeer graag, maar haar familie in Europa mist ze toch wel. Ze is ook beschaamd in de Amerikaanse politiek en over president Bush kan ze helemaal geen goed woord zeggen. We mogen proeven van de verschillende wijnen (maar met mondjesmaat...) en van enkele lokale kazen. Behalve wijzelf zijn er hooguit een drietal andere gasten. De hotelmanager houdt een kleine toespraak en daarna slaan we een praatje met hem. Hij is met enkele wijnboeren in het Brussels Hilton geweest om er de Californische wijnen te promoten. Hier in zijn hotel komen veel wijnboeren die ervaringen komen uitwisselen met hun Californische collega’s. Ze komen van overal in de wereld, behalve van... Frankrijk. Die kijken namelijk neer op de wereldwijnen en vinden dat ze hier niets te leren hebben. We vergelijken even de prijzen van de wijnen in Europa en de Verenigde Staten en vinden de Californische wijnen (ook hier ter plaatse) vrij duur, zeker op restaurant. “Geen nood,” zegt de hotelmanager “hier mag je gerust je fles zelf meebrengen als je gaat uit eten.” Dát is pas goed nieuws, en we nemen ons voor om dat morgen zeker te doen. 

Na de receptie gaan we nog even de buurt verkennen, maar er valt niet veel te beleven. Het hotel heeft een mooie tuin met veel bloemen en ligt aan de rand van een golfterrein. Aan de shopping mall is er een drukbezocht restaurant met live muziek. Ondanks het vroege uur, amper 719 uur, stromen de jonge mensen toe en sommigen hebben inderdaad een fles wijn onder de arm. Ze rijden in glimmende wagens: veel cabrio’s en voor de rest hoofdzakelijk Japanse auto’s en een enkele BMW en Volvo C70. Wij verkiezen het rustige terras van ons hotel. Het is er gezellig druk en aan het tafeltje naast ons zitten drie Nederlanders. Ik denk dat dit de eerste zijn op heel onze reis. Belgen hebben we trouwens ook nog niet gehoord. De avondlijke temperatuur is heerlijk en... “Our waiter tonight is... Carlos!”. We genieten niet alleen van de rust en de aangename sfeer, maar ook van een voortreffelijke maaltijd: gegrilde zalm en gebakken zeebaars en crab cakes vooraf. We drinken er een heerlijke fles Chardonnay bij, die helemaal niet duur blijkt te zijn: slechts 18 dollar (15 Euro).

 

09:30 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, california, north-west |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.