28-10-08

Tuinen met Versailles-allures

Dinsdag 22 mei 2007 

Als ik wakker word, valt de stilte me op: er is werkelijk geen enkel geluid te horen. Dit is echt een ouderwets, maar oerdegelijk hotel: veel donker houtwerk, alles kraaknet, de geur van boenwas. Geen lift, geen mengkraan in de douche, een gewone sleutel (álle vorige hotels hadden elektronische sleutelkaarten). Het ontbijt wordt opgediend – neen, geen buffet – in het café en bestaat uit één croissant, één schijfje cake (als je er om vraagt), fruitsap en koffie. Groot contrast met de vorige dagen, maar ja, ook dat is de stijl zoals we die 20 en 30 jaar geleden in Frankrijk overal kenden. Om 9 uur al vertrekken want we willen vroeg aan El Escorial zijn. Onze ANWB-gids waarschuwt ons namelijk dat dit een van de drukst bezochte plaatsen van Spanje is en lijdt aan “chronische overbelasting” met ellenlange wachttijden voor gevolg. Het is vanuit Avila ongeveer 50 kilometer rijden langs mooie en rustige wegen over een 1400 meter hoog plateau en door een mooi landschap vol gele bloemen. In de vallei hangt mist. We slagen er  in om tussen de dreigende zwarte wolken spanje 35te laveren en het droog te houden, maar dat mag een wonder heten. Na een goed uurtje doemt achter de heuvels het machtige Escorial op, maar een parkeerplaatsje vinden is iets anders. Niet dat het er druk is, integendeel, maar nergens is er een parking te zien. Dank zij onze gps vinden we er uiteindelijk toch een en… gratis! Het is wel een eindje wandelen (bergop!) tot de ingang. Het regent niet, maar overal zijn sporen te zien van de hevige regens van gisteren: modderstromen, weggespoelde aarde. Volgens het tv-nieuws zijn er gisteren in Madrid, dat hier op amper een 50 kilometer vandaan ligt, zelfs slachtoffers gevallen. Aan de ingang zijn we praktisch alleen en er is een zeer strenge veiligheidscontrole. We moeten zelfs onze paspoorten achterlaten in ruil voor een elektronisch gidssysteem. Filips II liet dit machtige klooster bouwen, vulde het met een enorme collectie kunstwerken en bouwde er vooral het Panteon de los Reyes, waar hijzelf en zijn vader Karel V begraven liggen, samen met nagenoeg alle Spaanse koningen en koninginnen. De koninklijke kinderen en de koninginnen die geen nageslacht op de wereld zetten, moesten vrede nemen met het Panteon de los Infantes. Het bezoek loopt door de verschillende palacios, de musea, de basiliek met panteones, de Sacristia, de Iglesia Antigua en de Biblioteca de Manuscritos. We hebben ogen tekort om de prachtige Spaanse, Vlaamse en Italiaanse kunstwerken uit de 15e en 16e eeuw te bewonderen: honderden tapijten, werken van Goya, Titiaan, Velazquez, El Greco, Rubens, Van der Weyden, Jeroen Bosch, Albrecht Dürer, en vele anderen. Om nog maar te zwijgen van de schitterende zalen met hun rijkelijk versierde plafonds. Voor de rest biedt het gebouw echter een heel sobere indruk. Geen sprake meer van de overdadige platerescostijl zoals in León en Salamanca. Het is vooral de omvang die het Escorial zo indrukwekkend maakt: 208 op 162 meter, 16 kilometer gangen, 1200 deuren en 1600 vensters… We lopen er bijna 3 uren in. Om ons gidsensysteem terug te gaan inleveren en ons paspoort terug op te halen, moet ik opnieuw door de strenge controle. Alles bij elkaar was het helemaal niet druk, ondanks de vele (soms luidruchtige) scholieren en toch heel wat Nederlandse, Franse, Duitse en Belgische toeristen. 

Onze volgende halte is La Granja de San Ildefonso, een kasteel in een prachtige tuin met Versailles-allures. Maar eerst moeten we toch een stukje eten! De zon is er intussen door gekomen en we rijden langs een zeer mooie bergweg. Veel restaurants zijn er niet, maar in de buurt van Navacerrada vinden we La Funda Real, een luxueus driesterrenrestaurant met een zeer spanje 36stijlvol, chique maar gezellig interieur. Het eten is natuurlijk navenant en het wordt onverwacht culinair genieten: eerst een frisse salade van het huis en dan Perdiz (patrijs) Estofada (Christiane) en Chorizo de Matanza Frito con puré patatas en natuurlijk een fles heerlijke  Rioja.  Onze dag kan niet meer stuk! We nemen geen dessert, maar er worden als afsluiter drie kleurige karafjes op tafel gezet met eau-de-vies waarvan we naar hartelust mogen proeven. Toch maar voorzichtig zijn, want we moeten nog een heel stuk rijden. En dan zetten we de weg verder, nog steeds door een mooi bergachtig landschap – we rijden zelfs over een top van 1800 meter. San Ildefonso wordt een ware ontdekking: een mooi kasteel, omgeven door een schitterend park vol beelden, waterpartijen en fonteinen. Deze laatste zijn nu in het voorjaar jammer genoeg nog niet in werking. We willen profiteren van het (mogelijks kortstondig zonnig weertje) en besluiten eerst de tuinen te bezoeken. Maar dat is zonder de suppoost gerekend! Volgens haar Spaanse logica moet en zal eerst het kasteel bezocht worden, niks aan te doen. Aangezien er daarenboven binnenin niet mag gefilmd worden, lopen we in sneltreinvaart door de kamers langs de prachtige antieke klokken en veel Chinees porselein, recht de tuin in. Hier vinden we gelukkig ruim voldoende compensatie voor foto en video. 

Het is nu nog maar een 30 kilometer tot Segovia, onze eindbestemming voor vandaag. Bij het binnenrijden zien we al meteen de indrukwekkende 728 spanje 37meter lange Aceducto Romano dat dwars door de stad loopt. Ons hotel ligt midden in het oude stadscentrum, vlakbij de Plaza Mayor en de kathedraal. We mogen de voetgangerszone binnenrijden om de koffers uit te pakken, maar parkeergelegenheid is er niet. De receptionist wijst ons de weg naar een parkeergarage buiten de stad en we keren te voet naar het centrum terug. Zo hebben we alvast een eerste kans om heel wat foto’s te maken. We vertrouwen het weer niet en profiteren ervan terwijl het nog redelijk mooi is. Er is weliswaar geen blauwe hemel meer, maar het is toch droog. Wie weet welk weer krijgen we morgen? Tegen 19.30 uur zijn we in het hotel waar we nog even de e-mail willen checken. De wifi werkt ook hier niet – ik had me dit toch wel anders voorgesteld – maar de aansluiting op de kamer werkt wel. spanje 38Om mijn dagboek in te vullen verkiezen we naar een terrasje te trekken op de Plaza Mayor. Terwijl ik aan het schrijven ben, wordt het steeds donkerder en het eindigt met een stevig onweer met stortregen en dikke hagelstenen. We moeten binnenvluchten om ons wijntje verder te drinken en daarna beschutting zoeken onder de arcades om droog in ons hotel te geraken. Dit is geen avond om nog veel buiten te komen, dus besluiten we maar om in ons hotel te eten vanavond. Het restaurant heet El Fogón Sefardi omdat hier vroeger Sefardische Joden woonden. Er is zelfs  een  volledig Joods menu te verkrijgen, kosjere wijn incluis. Wij houden het bij een fles echte wijn en het wordt een rode, dus een Ribera del Duero (Rueda heeft alleen witte wijnen) bij onze Jamon Iberico vooraf en Cochinillo (speenvarken) Asado (Christiane) en Dorade op Joodse wijze (ik). Het is lekker, maar vooral zeer veel. Tijdens het eten klettert de hagel op de glazen koepel van het restaurant. De ober vertelt ons over het slechte weer van gisteren. Er heerst al twee dagen verkeerschaos in Madrid en aan het Escorial zijn er inderdaad overstromingen geweest. Hij haalt er de krant bij voor de weersvoorspellingen en… die zijn niet rooskleurig: voor Segovia wordt nog 3 dagen regen voorspeld! We hopen het beste voor morgen.

08:33 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: spanje, castilla-y-leon, escorial, segovia |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.