13-11-08

Een reusachtige privécollectie

Maandag 18 juli 2005

We hebben een vrije voormiddag in Lima. Ik heb prima geslapen, maar ben toch vrij vroeg wakker. Ik voel me OK en ontbijt mee. We trekken met ons tweeën naar Miraflores om het boek over Peru te kopen dat ik eerder deze week heb laten liggen. Miraflores is een druk, tamelijk modern stadsgedeelte met grote boulevards en veel winkels. Hier en daar staan mooie koloniale gebouwen met rijkelijk versierde gevels. Eerst gaan we langs de Mercados Artisanales of de Indianenmarkt zoals Karel dat noemt. Hier zouden we mooi en niet duur ambachtelijk werk kunnen kopen, maar dat valt dik tegen. Het is een supertoeristisch winkelcentrum waar kitsch troef is en daarenboven gaan de meeste winkeltjes maar om 10 uur open. Daar gaan we niet op wachten en we besluiten om ook Miraflores verder te laten voor wat het is en een taxi te nemen naar het centrum van Lima. We hebben geleerd dat je met een taxichauffeur best eerst de prijs afspreekt en dat doen we dan ook: 10 Soles of zo’n 100 Bfr lijkt ons redelijk en we stappen in. Onderweg bekruipt me echter plots de twijfel: heeft hij nu ‘diez’ gezegd of ’ciento’? Duizend frank zou wel heel veel zijn, maar ja... Ik hou gewoon 10 soles klaar en wanneer we bij de Plaza Mayor uitstappen, stop ik ze samengevouwen in de chauffeur zijn hand. Hij aanvaardt ze en zegt niets. We maken ons voor alle zekerheid maar snel uit de voeten. 

De Plaza is door de politie afgesloten en er heerst een grote drukte. De presidenten van de Latijns-Amerikaanse Indianenstaten (Peru, Venezuela, Chili, Bolivië, ...) houden er een topconferentie. We praten even met een journaliste uit Venezuela, die ons aanbeveelt ooit eens de Venezolaanse jungle te gaan bezoeken. We beloven haar niets en gaan op zoek naar het Monasterio San Francisco dat o.m. beroemd is als voormalige begraafplaats van de stad. Peru 30In de catacomben liggen duizenden schedels en honderdduizenden menselijke beenderen netjes gerangschikt in grote kisten. Er zijn zelfs hier en daar symmetrische figuren mee gemaakt, kwestie van lugubere esthetiek. De Spaanse bouwstijl van het klooster uit zich in een mooie binnenplaats met zuilengalerijen, veel barok houtsnijwerk en vooral in de kleurrijke keramiektegels of azulejos tegen de wanden. Voor de rest is het klooster ook wel een bezoek waard, ook al zijn er geen grote kunstwerken te bewonderen. Er zijn weliswaar een aantal grote schilderijen die aan de School van Rubens worden toegeschreven, maar ik heb moeite om dat te geloven. Het zal in alle geval niet van zijn beste leerlingen geweest zijn. Op sommige muurschilderingen is er een ovaal gat waar normaal het hoofd moet zitten. Dat komt omdat de weinig getalenteerde kunstenaars geen gezichten konden schilderen en die werden dan achteraf ingevuld met hoofden die door betere kunstenaars werden gemaakt. De gids trekt onze aandacht op een groot schilderij dat het Laatste Avondmaal voorstelt. Dat men het met de historische juistheid niet zo nauw nam, bewijst een gebraden cavia, typisch Peruaanse specialiteit, midden op de tafel. Het schilderij blijkt gemaakt te zijn door een Vlaamse kunstenaar die zich “Della Ponte” liet noemen. De gids is de Nederlandse naam vergeten, en ik gok op Verbruggen of Van der Bruggen of zoiets, wat zij meteen enthousiast bevestigt. We bezoeken verder nog de prachtige bibliotheek en de refter maar voor de kerk rest ons geen tijd meer. Een taxi brengt ons (opnieuw voor 10 soles...) terug naar ons hotel en we zijn net op tijd op de afspraak van 12.30 uur. Wij blijken de enigen te zijn die tot in Lima zijn geraakt. De anderen zijn in de buurt van het hotel blijven hangen. Mijn darmen zijn opnieuw aan het rommelen. Ik neem een pilletje en ik besluit niet te eten.

Vooraleer naar de luchthaven te rijden voor onze vlucht naar Arequipa, gaan we het Museo Larco Herrera bezoeken, dat in een buitenwijk van de stad is gelegen. Peru 31Karel vertelt van een toerist die zich per taxi naar het museum liet brengen en tot zijn verbijstering werd afgezet bij de gelijknamige psychiatrische kliniek. Het is werkelijk een schitterend museum met een unieke en reusachtige privé-collectie van voorwerpen uit Inca- en pre-Incatijd. Behalve een zeer gevarieerde en mooi gepresenteerde vaste collectie van aardewerk, gouden en koperen sieraden en prachtig bewaard textiel is ook de zaal te bezoeken waar een duizelingwekkende hoeveelheid aardewerk in rekken is opgeslagen: duizenden beeldjes, beugelvaasjes en kruikjes, alle 100% gaaf bewaard. We sluiten ons bezoek af in een afzonderlijke zaal, kinderen niet toegelaten: de afdeling met de erotische beeldjes. Copulerende koppeltjes, mannetjes wiens penis langer is dan hun benen, en dergelijk fraais zorgen voor hilariteit in de groep. Het is duidelijk dat de Moches en andere er veel minder moeite mee hadden dan wij, moderne en vrijdenkende burgers uit de éénentwintigste eeuw. Zou dát beschaving zijn? Het museum heeft ook een mooie shop en hier willen we toch een souveniertje kopen. Onze keuze valt op twee beeldjes uit de Chancay-cultuur (1300 à 1500 na Chr.), een mannetje en een vrouwtje. Er is ook prachtig breiwerk in alpacawol en we kopen er ook onze eerste sjaal. De cape in vicuña (meer dan 100.000 Bfr...) is ons te duur. We zijn al blij dat we er eens mogen aan voelen.
 

De vlucht naar Arequipa duurt 45 minuten en verloopt zeer vlot. We zijn meteen op 2300 meter hoogte en dat zal wellicht wat wennen worden. Op de luchthaven ontmoeten we een Oostendse moeder met haar dochter. Zij zijn hals over kop naar Peru afgereisd en weten nog helemaal niet waarheen. Ze zijn zich al evenmin bewust van de grote hoogte waarop ze zich bevinden noch van de mogelijke ongemakken die dat met zich kan meebrengen. We nemen ze in onze bus mee naar de stad en Karel brengt hen in contact met een ‘goed reisbureau’. Ja, handig is hij wel... We logeren in het mooie Libertador Hotel ‘Ciudad Bianca’ even buiten de stad. Er staat geen dinner meer op het programma, dus moeten we het stellen met het ciabatabroodje van de luchthaven. Maar om eerlijk te zijn: niemand heeft echt honger. Karel wijdt lang uit over de fameuze hoogteziekte en maant ons aan tot voorzichtigheid: zeer véél drinken maar geen alcohol, rustig stappen, cocabladeren kauwen of cocathee drinken, enz. Hij overdrijft misschien wel een beetje en eigenlijk jaagt hij ons eerder nog wat meer schrik aan dan hij ons geruststelt. Enfin, we zullen wel zien. Op de kamer hebben we nog heel wat werk om de bagage te herschikken want morgen mogen we enkel handbagage meenemen. Onze kleine reistas en de rugzak blijken toch wat te klein te zijn.

09:54 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: peru, lima, arequipa |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.