15-12-08

Via smalle en steile pistes door de Atlas

Zaterdag 22 mei 2004

We hebben allebei zeer goed geslapen en voelen ons volledig uitgerust en benieuwd wat de nieuwe dag ons zal brengen. We zien vooral nieuwsgierig uit naar de kennismaking met onze chauffeur met wie we uiteindelijk toch 6 dagen van heel dicht zullen moeten leven. Het is toch belangrijk dat dat een beetje klikt. Stel je maar eens voor... Mieke van D&D-reizen heeft ons beloofd haar best te doen opdat we een zeer goede gids zouden hebben, Marokko 5die zijzelf ooit heeft leren kennen en die ze fantastisch vond. Zijn naam was Stiti  Brakiou, maar ze kon ons niets verzekeren. We wachten af en duimen ervoor. Na een zeer uitgebreid en lekker ontbijt - dit hotel verrast ons dan toch nog in de goede zin – staan we al om kwart voor negen gepakt en gezakt klaar in de lobby en... hij is er al. Voor de deur staat een blinkende zwarte Mitsubishi Pajeero en een vriendelijk lachende chauffeur: dertiger, zwarte snor, aan de mollige kant. Hij stelt zich voor als Brahim. Het is dus toch niet gelukt om die fameuze supergids te hebben. Maar deze vinden we ook ok want bij onze eerste indruk voelen we aan dat dit zal klikken. 

Het is opnieuw bewolkt als we vertrekken, maar we zijn nog maar net buiten Marrakech als de zon er doorbreekt. Brahim vertelt onderweg dat hij Berber is en noemt ons “les Berbers du Nord”. Hij heeft veel ervaring met Vlaamse toeristen en verrast ons regelmatig met een woordje Nederlands. Hij is zeer leergierig naar onze taal en vertelt ons dat sommige Vlaamse woorden bijna hetzelfde zijn in het Berbers, zoals bv. “ja, aarde, eekhoorn”. Ik denk er het mijne van maar thuis vertelt Karien mij dat beide talen inderdaad in hun oorsprong gemeenschappelijke wortels hebben als Indogermaanse taal. Het weer wordt mooi. Achter de bergketens klimt de zon steeds hoger en de temperatuur is aangenaam. Brahim vraagt of wij akkoord gaan om de airco (waarvoor we extra bijbetaald hebben notabene...) uit te laten en de vensters open te laten. Wij stemmen in en de airco zal de hele verdere reis uit blijven.  

Eerst rijden we kilometers langs de stadsmuren van Marrakech en als we de stad achter ons hebben gelaten, wordt het landschap ronduit schitterend: alle kleuren van bergen en opvallend groene en vruchtbare valleien en vlakten. Overal staan palmen en olijf-, amandel-, vijgen- en granaatappelbomen maar we zien ook hele velden met rogge en tarwe. De tocht loopt over de Tizi-n-Tichka-pas (2260 meter hoogte) en is indrukwekkend. Langs de weg bieden kleine jongetjes overal rotsstenen te koop aan die in een fluorescerend groen zijn geverfd. Hiermee willen ze de indruk geven dat het echte mineralen zijn, maar de kleuren zijn net iets te fel om er in te trappen. Tegen de bergflanken zijn de dorpen nauwelijks te zien omdat de lage huizen opgetrokken zijn in blokken van gedroogde leem en stro die exact dezelfde roodbruine kleur hebben als de bodem. Aan de leem wordt trouwens ook zout toegevoegd zodat ze bij vorst in de wintertijd niet zouden kapotvriezen. Wanneer het regent daarentegen “smelten” de muren steeds een beetje af zodat er een modderstroom ontstaat en men verplicht is om ongeveer om de vijf jaar nieuwe leem te strijken. Marokko 6
Tegen de middag bereiken we de eerste bezienswaardigheid: de Kasba van Telouet. Zoals eerder gezegd is een kasba een versterkt huis, maar dit lijkt bijna een ksar of versterkte stad, althans de ruïnes daarvan. Rondom het centrale gebouw staan namelijk heel wat resten van huizen met binnenpleintjes en poorten en... bij nader toezien blijken die nog bewoond te zijn. Voor we de kasba bezoeken, brengt Brahim ons eerst naar een restaurantje. Het is zeer warm en we verkiezen buiten te eten, op het terras. Dat blijkt in Marokko het dak te zijn en in de volle zon. Gelukkig zijn we hier helemaal alleen en kunnen we met ons tafeltje tegen de muur kruipen zodat we toch in de schaduw blijven. Het is een zeer eenvoudig restaurantje en dat geldt ook voor het eten: een salade marocaine (crudités) en een vleesbrochette met... frieten!  We laten het ons smaken. Brahim is niet te bespeuren, hij zal gedurende de hele reis trouwens bijna altijd afzonderlijk eten.
 

Aan de kasba worden we opgewacht door een oude man die ons met behulp van een reuzengrote sleutel binnen laat. Hij is onze gids en samen met ons glipt nog een jong Mexicaans koppel mee naar binnen. Het gebouw is in slechte staat en nog slechts gedeeltelijk toegankelijk. Sommige kamers zijn echter nog goed bewaard en we bewonderen het prachtige stucwerk, de kleurrijke tegelmotieven tegen de muur,  het sierlijke smeedwerk van de erkers,  de ebbenhouten plafonds en de vloeren in carrara-marmer. De oude gids vertelt ons dat niet minder dan 300 man gedurende 3 jaar aan deze kasba gewerkt hebben. Ik denk dat ze dan toch wel vaker op hun gat gezeten hebben of langere periodes van collectief verlof hadden dan wij...Op de hoogste punten van de ruïnes hebben talloze ooievaars hun grote nesten gebouwd en staan er hun jongen te voeden of luid klepperend met hun snavel te discussiëren.

Na Telouet verlaten we de grote weg en volgen de oude karavaanroute dwars door de bergen en de vallei van de Ounila. De weg is ruw, loopt langs diepe ravijnen. Het Mexicaanse koppel is heel blij dat ze ons kunnen volgen want de piste is niet altijd makkelijk te herkennen. Op sommige plaatsen kruipen we echt wiel per wiel over de rotsblokken en door de putten om vervolgens dwars door de rivier te rijden. De piste is in totaal 34 kilometer lang en werkelijk schitterend. Marokko 7Ze brengt ons ook dwars door kleine bergdorpen waar onmiddellijk horden kleine kinderen op ons afgestormd komen, bedelend om snoep. We hebben vooraf een grote zak snoepgoed gekocht en Brahim deelt ze maar al te graag uit. Hij schept telkens een zichtbaar genoegen in de gelukkige kindergezichtjes en kan niet nalaten iedere keer een babbeltje te doen. Ik vertel hem dat we ook een pak balpennen hebben meegebracht, maar hij vindt het beter dat we die later ergens in een schooltje afgeven zodat de leerkracht ze oordeelkundig kan uitdelen. Het is werkelijk een unieke gelegenheid om het echte leven van deze bergbewoners van heel dichtbij te zien: de huizen, de kledij van de mensen, de vele ezeltjes. De mensen zijn zeer vriendelijk en ondanks de armoede en de primitieve woningen en straten, lijkt alles zeer proper en netjes. Dit is dé ideale reisformule: dank zij onze gids vinden we de weg, geraken we zonder problemen over de pistes en hebben we toch enig contact met de mensen. We hoeven ons nergens zorgen over te maken en voelen ons als prinsen. 

Als we de piste verlaten en Aït Benhaddou bereiken, is de zon al bijna aan het ondergaan. Deze stad is één van de belangrijkste bezienswaardigheden van Zuid-Marokko en geklasseerd als werelderfgoed door Unesco. Marokko 8Hij ligt aan een brede rivierbedding die zo goed als droog staat en waar we dus makkelijk te voet (van de ene zandzak op de andere) kunnen oversteken. Vanaf de oever heb je een prachtig overzicht over de imposante ksar, die er uit ziet als een reusachtig zandkasteel met versterkte torens die met eenvoudige geometrische figuren zijn versierd. De okerkleurige zandsteen gaat helemaal op in de kleur van de omgeving. Een groot gedeelte van de gebouwen is door Unesco gerestaureerd, maar er blijft nog heel wat werk te doen. Overigens is het onmogelijk om de gedeelten te onderscheiden die er als filmdecor zijn aan toegevoegd. Hier werden namelijk talloze films opgenomen zoals bv. Lawrence of Arabia, Ben Hur, Le Vol du Sphinx, The Diamond of the Nile en Sodoma en Gomorra. In totaal zouden hier meer dan 50 films zijn opgenomen. Een plaatselijke gids staat ons op te wachten en dat geeft Brahim niet alleen de kans om even uit te blazen, maar ook om zich terug te trekken voor zijn dagelijks gebed. De gids geeft weinig of geen uitleg en beperkt zich ertoe ons de weg te tonen doorheen de steile straatjes en ruïnes. Het kan voor hem blijkbaar niet snel genoeg achter de rug zijn, want hij loopt meestal een tiental meter voor ons uit. We zijn hier overigens bijna de enige toeristen en hebben de hele stad voor ons alleen. Deze eenzaamheid en rust, samen met de ondergaande zon geven een apart en hallucinant gevoel. 

Onze eindbestemming voor vandaag is Ouarzazate. Dit is de streek waar Brahim vandaan komt en vannacht gaat hij dan ook bij zijn moeder logeren, ergens in een klein bergdorpje in de buurt. Wij verblijven in Hotel Le Zat, een mooi en modern hotel maar totaal karakterloos. Ouarzazate is trouwens helemaal een moderne stad die pas in de laatste 20 jaar van de 20e eeuw gebouwd is en dank zij de filmindustrie is groot geworden is. Met zijn twee grote filmstudio’s is Ouarzazate het centrum van de niet onbelangrijke Marokkaanse filmindustrie.  

Het was een prachtige rit vandaag! Als alle dagen van dezelfde intensiteit zullen zijn, dan wordt het waarschijnlijk téveel om alles op te nemen en te verwerken. En vooral... te filmen. Ik zal mijn batterijen een beetje moeten sparen, vrees ik. Intussen is er wat bewolking opgekomen en is het een beetje frisser geworden. We hebben hoofdzakelijk in de auto gezeten vandaag, maar toch zijn we lichtjes verbrand door de zon. We zijn ook een beetje moe en om halftien zijn we op onze kamer waar we al heel snel in een diepe slaap verzinken.

09:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: marokko, ouarzazate, telouet, ait benhaddou |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.