11-01-09

Op de rug van een olifant

Vrijdag 18 juli 2003  

Ik heb een stevige verkoudheid te pakken. Ik snotter en hoest, maar voel me niet echt ziek. We beginnen de dag met een unieke belevenis: een tocht van een uur door het oerwoud op de rug van een olifant. Dit is heel speciaal: zéér oncomfortabel maar bijzonder rustgevend door het trage waggelgangetje, het gerinkel van de belletjes en natuurlijk het mooie landschap. Dat onze rug geradbraakt is nemen we er maar bij. We vormen een lange stoet die af en toe eens gedwongen wordt halt te houden omdat één van de loebassen wel zin heeft in een groen blaadje of met veel gedruis een kleine (nou ja…) boodschap moet doen.

Thailand 51

Onze olifant is een zeer groot exemplaar met enorme slagtanden, maar wanneer onze begeleider even afstapt, zijn we verbaasd hoe klein zo'n olifantenkop er van bovenaf uitziet. En er staan zo van die leuke haartjes op, wat het dier meteen iets schattigs geeft. Op het einde van de tocht kunnen we bananen en bamboestokken kopen om de dikhuiden te voeren. Ze vreten er gretig van maar die van ons heeft een heel speciale manier. In plaats van de vruchten één voor één op te eten, zoals de anderen doen, verkiest hij ze eerst allemaal in zijn slurf te verzamelen om ze nadien rustig na elkaar op te peuzelen.  

Op de plaats waar onze tocht eindigt, liggen motorbootjes op ons te wachten voor een tocht op de Pai-rivier. De zon brandt en hier moet olie gesmeerd worden, véél olie. Thailand 52De boten scheuren met lawaaierige buitenboordmotor over de rivier en de wind waait fris door onze haren. Heerlijk! Wanneer we na zo'n driekwartier terug aan wal gaan, zijn we goed verfrist, maar de zon staat nu op haar hoogtepunt en al snel zijn we weer kletsnat van het zweet. Met de trucks gaan we op zoek naar een picknick plek. Guido is verdacht veel aan het pochen met een prachtige picknick in 'het mooiste restaurant van Mae Hong Son". Ik weet niet wat ik ervan moet denken. Ik vermoed sterk dat het weer een van zijn befaamde grappen betreft en verwacht me eerder aan het tegenovergestelde: misschien een luxueuze lunch in open lucht op het terras van een mooi restaurant? Maar neen, het ís inderdaad een picknick… Onder een afdak midden in het woud krijgen we elk een doos in de hand gestopt waarin een boterham, een kippenbout, een banaan, een mandarijntje, twee cakes en… een zak chips. Grote ontgoocheling bij iedereen en de helft van onze "heerlijke" maaltijd gaat in een plastiekzak voor de plaatselijke bevolking. Dat maakt het nog wat meer gênant: wat voor ons, rijke en verwende toeristen, niet goed genoeg is, is een rijkdom voor de mensen in het arme dorpje. 

En dan volgt een nieuw hoogtepunt van de reis: het bezoek aan de beroemde Long Neck Karens, het bergvolk waar de vrouwen koperen ringen om de hals dragen waardoor hun nek tot onnatuurlijke lengte is uitgerekt. Het zijn Birmaanse vluchtelingen die hier in een bewaakt kamp leven en blij zijn dat er af en toe toeristen langs komen aan wie door de verkoop van handgeweven stoffen en doeken een cent kunnen verdienen. Wij bezoeken vluchtelingenkamp nr. 7. Hier mag je binnen, maar verder gaan is verboden en zeer gevaarlijk. Onderweg langs de Birmaanse grens komen we trouwens af en toe gewapende politiepatrouilles tegen. Zij bewaken het drugstransport. Het dorp is schilderachtig en de halzen van de vrouwen zijn inderdaad onvoorstelbaar lang.

Thailand 53

Hun kleine hoofdjes en hun kindergezichtjes accentueren dit nog. De ringen, die ze trouwens ook rond hun benen dragen, wegen loodzwaar. Onder die ringen lopen de meeste vrouwen een kopervergiftiging op aangezien ze zich natuurlijk daar niet kunnen wassen. Bij het slapengaan moeten ze plat liggen met hun nek op een houten blokje. Naar het schijnt wordt de nek helemaal niet uitgerekt, maar worden de schouders door het gewicht naar beneden gedrukt waardoor de wervelkolom vervormd wordt. Men zegt ook dat hun nek zou breken als ze de ringen zouden verwijderen, maar dat wordt door Guido tegengesproken. Volgens sommigen wordt deze onmenselijke traditie enkel nog voor de toeristen in stand gehouden, maar een "betrouwbare" bron (Guido…) verzekert ons dat dat helemaal niet waar is! We brengen o.a. een bezoek aan een vrouw die de weduwe blijkt te zijn van een zekere Van Broeckhoven, een Gentenaar die jaren geleden de bescherming opnam voor de Long Necks. Op een zekere dag werd zijn lijk gevonden, opgeknoopt aan een boom. Niemand heeft ooit geweten door wie hij werd vermoord. De krantenknipsels hangen aan de muur in het kraampje van zijn echtgenote. Zij is het echte prototype van de stam. De foto's van haar zelf en van haar dochter staan op alle prentbriefkaarten. De moeder geeft ons een staaltje ten beste van de lokale muziek en begeleidt zichzelf daarbij op een klein en primitief gitaarachtig instrumentje. Daarna bezoeken we het plaatselijke schooltje, waar de kinderen Engels aan het leren zijn. Thailand 54Sommige kleine meisjes (niet allemaal) dragen al een reeks ringen rond de hals. In hetzelfde kamp leven nog enkele kleinere families van andere volkeren: de Kaya, de Kayaw en de Karenni. Zij kenmerken zich door de koperen ringen die ze in trompetvorm onder hun knieën dragen en de grote ringen die in hun lang uitgerekte oorlellen gegroeid zijn. De Kayas dragen dikke pakken bamboevlechten rond hun knieën. Heel merkwaardig allemaal. Voor we vertrekken, kunnen we niet nalaten enkele sjaals en tafellopers te kopen. We betalen er slechts een paar 100 baht voor en voor die mensen is dit hun enige bron van inkomsten. Ze tonen zich dan ook zeer dankbaar. 

We zijn vandaag nog vroeger terug. Het is amper 15 uur en opnieuw moeten we aan het zwembad gaan liggen. Ik voel me niet te best door mijn verkoudheid en voel me zelfs te duizelig om te lezen. 's Avonds worden we in het hotel vergast op een kantoke-avond. We zitten aan lage tafeltjes op de grond met grote driehoekige kussens in de rug. Comfortabel is het helemaal niet en niemand houdt het lang uit in dezelfde positie. Ook voor de spijsvertering lijkt deze houding mij niet ideaal. Tijdens het eten speelt een orkestje traditionele muziek. Het klinkt zeer amateuristisch en zelfs vals, maar ja, we zijn natuurlijk geen kenners van het genre. We zitten in de "mooiste kamer" van het hotel en mogen eten met het "mooiste servies". De ruimte staat vol met Thaïse en Birmaanse antiek: boeddha's en andere beelden, potten, schalen enzovoort. Het eten is niet bijzonder. Voor het slapengaan, krijg ik pilletjes van Johan voor mijn verkoudheid. Hij belooft me dat ik morgen véél beter zal zijn.

09:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: thailand, mae hong son, long necks |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.