30-11-09

Waar Mandela 18 jaar vastzat

Banner ZA
Maandag 19 november 2001

Het is slechts 40 kilometer naar Kaapstad. De lucht is grijs en er staan dreigende wolken. De weersvoorspelling was 80% kans op regen en 19° Celsius. Voor we de stad bereiken zien we een immense township van 10 kilometer lang en 5 kilometer breed, alle krotten op elkaar geplakt. Zou daar het woord ‘plakkersbuurt’ vandaan komen? Helemaal niet mooi om zien en telkens een beetje een domper op de vrolijke sfeer. Voor we naar het hotel gaan, doen we een stadstour, gedeeltelijk per bus en gedeeltelijk te voet. ZA 55Frans drukt ons op het hart dat we goed in groep moeten blijven en dat zorgt voor een tamelijk oncomfortabel gevoel van onveiligheid. Zelfs op het kleurrijke ambachtenmarktje waar we een halfuur ‘losgelaten’ worden, voelen we ons niet zeer op ons gemak. Er zijn nochtans veel toeristen in de stad maar ook veel clochards en veel politie. We wandelen vervolgens langs het parlementsgebouw en het botanische park naar het South-Africa Museum. In het park krijgen we nog een staaltje van Frans’ pogingen om de kritiek op het oude apartheidsregime wat te relativeren. Op het gras liggen her en der zwarten in de zon te slapen. Hij beweert dat destijds sommige kranten daar foto’s van publiceerden en lieten uitschijnen dat het om lijken ging van zwarten die door de blanken werden gedood. Ik kan het moeilijk geloven. In het museum zien we weinig kunst maar vooral opgezette dieren en skeletten van reuzengrote walvissen.

 Om 12.45 uur komen we aan in ‘Hotel Commodore’, een groot luxueus hotel vlakbij de Victoria en Alfred Waterfront. We checken in en na een snelle hap spoeden we ons naar de boot voor een bezoek aan Robbeneiland. Niet iedereen gaat mee, want om intussen begrijpelijke redenen stimuleert Frans ons niet voor deze naar zijn mening ‘niet zo interessante’ uitstap. 12 van de 18 schepen toch in op de moderne catamaran die ons in speedbootvaart naar het eiland brengt. De overtocht duurt ongeveer een half uur en vanop zee hebben we een prachtig uitzicht op Kaapstad. Het weer is veel beter dan we deze morgen durfden hopen, maar de Tafelberg houdt zich toch verborgen in een dikke wolk. Op het Robbeneiland heeft Nelson Mandela 18 van zijn 27 jaren gevangenschap doorgebracht en samen met honderden zwarte geestesgenoten heeft hij er de grootste vernederingen ondergaan. De enige misdaad die deze mensen hadden begaan, was dat ze het niet eens waren met het regime en daartegen in opstand kwamen. We worden ontvangen door een ex-gevangene en eerst in een bus rond het eiland gereden. De stoelen in de bus zijn zo dicht bij elkaar gezet dat er niet minder dan 100 personen in plaats kunnen nemen. Comfortabel is het natuurlijk niet. ZA 57De gids geeft ons met zeer veel overtuiging en zelfs af en toe geëmotioneerd uitleg over het leven in de gevangenis en de onmenselijke behandeling die hij en zijn medegevangenen er moesten ondergaan. Het eiland en de sobere gebouwtjes geven een zeer troosteloos uitzicht en zelfs het ‘dorp’ met de woningen van de bewakers ziet er deprimerend uit. Alleen het uitzicht op de stad en de mooie stranden met pinguins doen aan vakantie denken; de brandende zon daarentegen zal voor de gevangenen niet zozeer een bondgenoot dan wel een extra kwelling geweest zijn. Onze gids praat veel en lang met heel wat oninteressante details en ik kan me zelfs niet van de indruk ontdoen dat hij soms wat overdrijft. Toch is het zeer pakkend en het is moeilijk je in de plaats te stellen van de mensen die het écht hebben meegemaakt. Wat tot onze verbeelding spreekt verschilt wellicht van de manier waarop zij het zelf beleefd hebben. Zo treft mij bijvoorbeeld dat in zijn ogen de grootste vernedering die een groot man als Mandela hier heeft moeten ondergaan, het feit is dat hij al die jaren zonder onderbroek onder zijn gevangenisplunje heeft moeten lopen. “Iets wat niemand zijn eigen kinderen niet zou toelaten.” Ik denk dat er in de wereld talrijke dergelijke gevangenissen zijn en wellicht nog veel erger. Toch is dit hier werelderfgoed en een historische plek en ik ben blij er geweest te zijn.  

Onze gids vertelt dat de zwarte gevangenen hier slechter behandeld werden dan de anderen. Ze kregen bijvoorbeeld systematisch minder eten. Ze konden er studeren, maar enkel als hun aanvraag werd goedgekeurd en van zodra iemand zijn studiemateriaal gebruikte voor andere doeleinden (om gedichten te schrijven bvb) werd zijn toelating tot studeren ingetrokken. Brieven en zelfs kranten werden gecensureerd en om de gevangenen in diskrediet te brengen bij hun  familieleden of vice versa, werd hun handschrift nagedaan en de inhoud van de brieven veranderd. In de afdeling van de politieke gevangenen bezoeken we een grote cel, die plaats bood aan 30 à 40 gevangenen maar regelmatig bevolkt was door 90 tot 100 man. Overdag moesten ze in de brandende zon totaal zinloze arbeid doen: rotsblokken tot kleine stenen kappen. Aan de muur hangt een getrukeerde foto waarop een rij gevangenen stenen zitten kappen; op de foto zijn de stenen echter vervangen door stukken stof, waardoor de indruk gewekt wordt dat ze kleren aan het herstellen zijn. Deze foto werd gebruikt om de buitenwereld te tonen dat de gevangenen op Robbeneiland het niet zo slecht hadden. De meeste aandacht gaat naar de cel van Nelson Mandela, maar meer dan een pakje kleren en wat blikken eetgerei is er niet te zien.  

Waar het in het begin van de namiddag zonnig en zeer warm was, is het nu winderig en tamelijk fris geworden. Wanneer we rond 17 uur naar het vasteland terugkeren is het zwaar bewolkt en de Tafelberg is niet eens te zien. De zee is zo woelig dat de catamaran met veel gedruis op de golven op en neer bonkt. Het is zo goed als onmogelijk om rechtop te blijven. Voor een jonge passagierster wordt het zelfs te ZA 58machtig en ze wordt hysterisch van de schrik. We zij blij als we terug van boord stappen. Het weer is slecht, het is inmiddels gaan regenen. ’s Avonds trekken we samen met Olga, Rita en Gilbert naar de Waterfront op zoek naar een goed restaurant. We komen terecht in het nieuwe trendy visrestaurant ‘Baia’, waar de kaart ons lokt met veelbelovende fusion-gerechten. We eten er ‘red roman’, een schitterende vis die bovendien perfect is klaargemaakt. De wijn is een Boschendal Pinot Noir/Chardonnay en hij smaakt zo lekker dat we prompt een tweede fles bestellen. Samen met het aperitief, een porto met de leuke naam ‘Allesverloren’, zorgt de wijn voor een opgewekte sfeer en iedereen is opgetogen over een geslaagde en gezellige avond.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: zuid-afrika, kaapstad, westkaap |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.