16-09-10

Het buitenverblijf van de Gaulle

banner ZFrankrijk.jpg

Maandag 7 juni 2010

Als ik om 8.15 uur wakker wordt, schijnt zowaar de zon. Er zijn weliswaar ook nog zwarte wolken, maar het ziet er toch niet zo slecht uit. Na een mooi verzorgd ontbijt (eindelijk eens wél kaas) vertrekken we voor onze laatste etappe die ons vanavond thuis moet brengen. We hebben alle colombey 2.jpgtijd en zijn van plan om onderweg hier of daar nog even te stoppen. We kunnen Colombey-les-deux-Eglises niet verlaten zonder een bezoekje te brengen aan La Boisserie, het buitenverblijf van Charles de Gaulle. Het domein is nog niet open en samen met een bus scholieren wachten we geduldig tot 10 uur. Langs een groene dreef wandelen we naar het statige herenhuis waarvan de gevel helemaal met klimop is begroeid. We moeten onwillekeurig denken aan het uitgestrekte domein en riante landhuis in Chartwell, de woning van de Gaulles tijdgenoot sir Winston Churchill, dat we enkele jaren geleden bezochten. De vergelijking gaat niet op.  Dit hier is veel kleiner en minder luxueus. Binnen zijn slechts drie kamers te bezoeken, die allemaal vol staan met souvenirs die de generaal in zijn leven over de hele wereld heeft verzameld. In de bibliotheek, met een groot venster dat uitkijkt over een mooi panoramisch uitzicht, staat de tafel waaraan de Gaulle in 1970 gestorven is. 

Om half elf vertrekken we richting Troyes, waar we deze middag de lunch willen gebruiken en onze reis afsluiten. De stad is een aangename ontdekking. De talloze vakwerkhuizen in diverse pastelkleuren doen sterk aan de Elzas en Duitsland denken. Heel het centrum is tamelijk recent heraangelegd en de straten en pleinen zijn opgesmukt met weelderig bloeiende rozenperken en troyes.jpgwaterpartijen. Wat een contrast met het slordige en vaak vervallen Frankrijk dat we ons herinneren van 20 jaar geleden en deze vaststelling hebben we de voorbije week op verschillende plekken gedaan. We parkeren ondergronds in de splinternieuwe parking bij de kathedraal, de ruimste en handigste parking die ik tot nu gezien heb. De kathedraal zelf staat jammer genoeg in de steigers. Binnenin treffen we een zeer mooie kerk met indrukwekkende glasramen en sierlijke zuilen. Na een koffietje op een terras (het weer is intussen tamelijk goed geworden) wandelen we door de stemmige smalle straatjes, maar alles is er voor ons net een beetje téveel op het massatoerisme gericht. Even buiten de drukte vinden we een gezellig pleintje waar we op een terras aanschuiven voor de lunch. Het wordt vooral door zakenlui bezocht en we ondervinden al gauw waarom: hier eet je goedkoop een zeer correcte en lekkere hap. Ik zal me de salade aux gésiers nog lang herinneren. We besluiten nog wat lekker verse kaas mee te nemen voor vanavond thuis, mar vinden in de hele stad geen enkele kaaswinkel, noch bakker. Op maandag blijkt alles hier dicht. We rijden dan maar naar huis via Reims en Rijsel en stoppen aan de Auchan in Ronq, waar ze uiteraard wél kaas en brood hebben, zij het van meer bedenkelijke kwaliteit. Om half acht zijn we thuis. 

De commentaren zijn gesloten.