30-05-11

De mooiste B&B van de reis

banner NZ.jpg

Donderdag 2 december 2010

 

De dag begint letterlijk met een koude douche: hoe ik ook aan de kranen draai, er komt alleen koud water uit. Dat moet uiteraard gemeld worden aan onze gastheer maar hij schiet in een lach als ik het hem vertel. “Sorry, ik had het je op voorhand moeten zeggen” lacht hij, “maar de kranen zijn door de loodgieter omgekeerd gemonteerd.” Warm is koud en koud is warm.   Er heerst een leuke sfeer aan de ontbijttafel waar we met 6 gasten samen zitten: wijzelf, het echtpaar van gisteren en twee Amerikaanse jongedames, die gisterenavond laat zijn aangekomen. Plannen en ervaringen worden druk uitgewisseld. De hemel is bewolkt, maar er lijkt toch meer en meer blauw in de lucht te komen. De koude wind is gelukkig gevallen. Om 9 uur nemen we afscheid van iedereen en trekken terug richting Picton, waar we rechts afslaan op de Queen Charlotte Drive, een toeristische route van 40 kilometer die ons door Johan en Arianne sterk is aanbevolen. En terecht! De bochtige en smalle weg biedt overal mooie lookouts  over de

nieuw-zeeland, zuidereiland, queen charlotte, havelock, kaiteriteri

schilderachtige baaien van de Marlborough Sounds. Jammer genoeg is er weinig plaats om te stoppen. In The Grove, een klein dorpje onderweg stoppen we om enkele brievenbussen te fotograferen. Overal in het land zijn de brievenbussen een kleurrijk gegeven, maar hier munten ze uit door hun originaliteit: ze hebben de vorm van een koe, een kat, een autobus, een huisje, een schaap, enz.  Het is 11 uur als we het vertrekpunt bereiken van de Queen Charlotte Track, een wandeling van liefst 71 kilometer doorheen de Marlborough Sounds. Wij gaan natuurlijk maar een klein stukje wandelen, want we moeten nog een heel eind rijden vandaag.  We houden het bij een uurtje. De wandeling loopt door de bossen en is mooi, maar toch een beetje eentonig. We rijden verder tot in Havelock waar we hopen te lunchen want we lazen dat dit kleine stadje de “Capital of the Mussel” genoemd wordt en inderdaad we treffen er “The Mussel Pot”, een leuk restaurant waar we in de schaduw van de bomen elk een flinke portie green lip mosselen verorberen. Na de middag doen we op aanraden van Dave nog een korte wandeling bij Pelorus Bridge tot bij de oevers van de Pelorus River met haar diepturquoise water. Een jong koppeltje stoeit er in het heldere water. De zon schijnt volop en dit is een heerlijk rustige plek, zeer verleidelijk voor een zwempartijtje, maar… we moeten verder! De weg loopt nu door brede groene valleien, het typische Nieuwzeelandse landschap zoals we dat inmiddels hebben leren kennen, maar daarna wordt het meer “Europees”: de valleien zijn smaller, de heuvels begroeid met hoge dennenbossen. Het doet aan sommige streken in Frankrijk denken. Op veel plaatsen zijn wegenwerken aan de gang waarbij we vaak door de pas gestorte teer en de losse kiezels moeten rijden, die met veel gedruis tegen de onderkant van de auto kletteren. Het klinkt als een hevige regenbui.  Net vóór Nelson komen we in een brede vlakte en uiteindelijk rijden we langs een uitgestrekt zandstrand. We besluiten niet te stoppen in Nelson waar strand en blauwe zee er nochtans aantrekkelijk uitzien, maar het is er ook zeer druk.  Het is trouwens al 15u30 en we moeten nog een 80-tal kilometer doen.  Voor we het weten zitten we op een by-pass, een splinternieuwe directe weg naar Motueka, waardoor we de voorziene scenic route missen. We winnen wel tijd, maar er valt niet veel te zien behalve uitgestrekte wijn- en fruitplantages. Deze streek wordt “Apple Valley” genoemd al worden er ook limoenen, pompelmoezen en sinaasappels geteeld.


Om 16u30 bereiken we Kaiteriteri. Vooraleer we onze B&B opzoeken, houden we even halt aan het strand.  Wat een exotische sfeer: rotsen, goudgeel zand, donkerblauwe zee, zeilbootjes en azuurblauwe hemel waarin de zon heerlijk brandt. Fantastisch! We doen een klein wandelingetje en maken natuurlijk tientallen foto’s. We gaan ook eens langs in het kantoortje van Wilsons om onze boottocht van morgen te bevestigen en dan nemen we de Sandy Bay Road op zoek naar Bellbird Lodge, waar we gereserveerd hebben. Een smalle weg slingert zich langs de kust en even verder is er een smal weggetje naar rechts. Hier staan een viertal bungalows en één ervan is onze lodge, schitterend gelegen met een weids uitzicht over de Tasman Bay. Het huis is omringd door een mooie tuin met exotische bloemen en veel vogels. De bellbird, waarnaar onze lodge genoemd is, is er één van: een klein groenachtig vogeltje dat alleen in Nieuw-Zeeland voorkomt

nieuw-zeeland, zuidereiland, queen charlotte, havelock, kaiteriteri

en zingt als kleine belletjes. Ook de prachtige tui, een grote donkergroene vogel met een koddige witte bef op zijn keel, is een vaste bezoeker. Deze brengt een zeer typisch geluid voort waaraan hij zijn naam te danken heeft. Op straat wandelt een kwartelmoeder met een hele schare piepkleine jongen achter zich aan. Schattig!  We worden hartelijk ontvangen door Brian en Anthea en krijgen meteen koffie en cake op het zonnige terras. Onze kamer is een droom: niet te groot, maar zeer smaakvol en gezellig aangekleed. Er staat een grote ruiker rozen en een korf met vers fruit. De vensterdeur geeft uit op een eigen terras met uitzicht over de baai. Maar het meest gecharmeerd zijn we door de vriendelijkheid van onze gastheer en gastvrouw. Ze geven ons niet alleen goede raad voor een restaurant voor vanavond, maar Brian presenteert zelfs om ons erheen te brengen (10 kilometer verder langs een smalle bochtige weg) en terug op te halen. Een beetje aarzelend stemmen we ermee in en meteen grijpt Anthea de telefoon om een tafeltje te reserveren tegen 19 uur. Maar we worden vooraf bij haar op het terras verwacht voor “drinks and nibbles (niet “nipples” zoals ik eerst had verstaan, want dat is heel iets anders…). Er rest ons nog maar weinig tijd om ons te verfrissen en om 18u30 zijn we op post. We kunnen kiezen uit witte of rode wijn en op tafel staat een uitgebreid assortiment hapjes: groene asperges, een stokje met tomaat, basilicum en fetakaas, gerookte paprika’s, kaas, druiven, crackers. Wij zijn vanavond de enige gasten, dus… alles is voor ons alleen. Het wordt een gezellige babbel over hun huis, de streek en het land. Op onze kamer hangen instructies voor het geval van aardbeving en dat brengt ons gesprek op Christchurch waar in september een hevige aardbeving heeft plaats gehad. Tot hier hebben ze de schok gevoeld, maar de zware schade was zeer plaatselijk. Soms werd een huis getroffen en de buren niet. Op een bepaalde plaats is een spoorweg niet minder dan 5 meter verschoven. Het is een wonder dat er geen slachtoffers zijn gevallen. Op het einde van de reis komen we zelf in Christchurch en kunnen we wellicht nog de sporen van de ravage zien. Anthea vraagt ons ook uitdrukkelijk om de vliegenramen zorgvuldig dicht te laten als het licht brandt. Grote kevers komen namelijk op het licht af en de vogels pikken ze op maar laten de kop liggen en… die leeft nog. Een griezelig gezicht!


En dan is het tijd voor het diner. Brian brengt ons in zijn splinternieuwe  witte Datsun 4X4 naar Marahau, een dorpje tien kilometer verder. De weg erheen is zo smal en kronkelend, dat we hem zeer dankbaar zijn dat we zelf niet moeten rijden, zeker vanavond als het donker is om terug te nieuw-zeeland, zuidereiland, queen charlotte, havelock, kaiteriterikeren. Het restaurant is zeer mooi gelegen aan het strand en we hebben een uitstekend zicht op de zonsondergang boven zee. Het diner is zeer geslaagd: “spicy and crispy squids (inktvis)”, die bijzonder lekker zijn en “fish of the day”,  tarakihi of morwong die bij ons niet voorkomt. Die is echter vergezeld van een té grote variatie aan smaken zodat hij een beetje tegenvalt. Als dessert delen we nog een pavlova (meringue met room en rode bessen).  Na afloop volstaat een telefoontje en binnen het kwartier staat Brian daar om ons op te halen.  Vooraleer slapen te gaan, overhandigen we aan Anthea nog een pakketje vuile was, dat ze morgen voor ons gratis zal wassen en drogen. Strijken kunnen we desgewenst zelf doen want op de kamer zijn strijkijzer en –plank voorzien. Wat ’n luxe!  We blikken terug op alweer een mooie dag en kruipen onder de wol in de B&B die veruit de aangenaamste van de reis zal blijken. 

 

vorige  volgende

27-05-11

Een ferry als minicruise

banner NZ.jpg

Woensdag 1 december 2010

 

De dag begint zeer vroeg vandaag: we hebben onze wekker gezet op 5u45 want we moeten de veerboot van 8u25 nemen naar het Zuidereiland en een uur vooraf aanwezig zijn. Janice wacht ons op met het ontbijt. We vernemen dat ze van Schotse afkomst is en dit huis tamelijk recent heeft gekocht. Verder is ze duidelijk minder spraakzaam dan onze vorige gastvrouwen, maar vriendelijk en tegemoetkomend is ze wél.  Om 7 uur stipt vertrekken we richting ferry en dank zij het kalme verkeer (deze stad lijkt ’s ochtends vrij traag op gang te komen), zijn we 10 minuten later al aan de kade waar de Interislander ligt te wachten om ons over te zetten naar het Zuidereiland. Er staan al lange rijen vóór ons maar we kunnen vrijwel onmiddellijk inschepen en om 8u25 komt de grote veerboot los van de kade en beginnen we aan de overtocht. Deze boot,  de “Kaitaki” of

NZ 49.jpg

Challenger”, is de grootste ferryboot in Nieuw-Zeeland. Hij biedt plaats aan 1.650 passagiers en 600 auto’s op 3 decks. Hij is gebouwd in Nederland in 1995 en maakte oorspronkelijk de verbinding tussen Cherbourg en Eastbourne. We gaan snel op zoek naar een goed plaatsje om van binnenuit (op het dek zal het te koud zijn) maximaal te genieten van het landschap onderweg. De tocht is immers een heuse toeristische minicruise. Beide eilanden liggen weliswaar slechts 19 kilometer uit elkaar, maar vooraleer Picton te bereiken varen we diep het eiland in doorheen de prachtige Queen Charlotte Sound. De hele tocht is 92 kilometer lang en duurt 3 uren.  We hebben nauwelijks plaats genomen als we plots op de rij vóór ons David en Jenny herkennen, het koppel uit Eastbourne met wie we samen in Ngonghotaha logeerden. Leuk om hier al “vrienden”  te hebben en wat een gelukkig toeval dat we mekaar op deze immense boot terug zien. Het wordt een heel rustige overtocht. Eens we in volle zee terechtkomen, zijn er wel wat witte schuimkopjes op de golven, maar dan wordt het wateroppervlak weer kalm. Het is bewolkt en een beetje nevelig maar de zon probeert er door te komen. Het landschap is inderdaad mooi en doet sterk denken aan Noorwegen. We varen door relatief smalle engten tussen de bergen en langs mooie baaitjes en eilandjes. 


Om 11u30 bereiken we Picton en gaan meteen op zoek naar een restaurant voor de lunch. De zon schijnt en het haventje biedt een kleurrijk spektakel met zijn talrijke bootjes en palmbomen. We vinden een plekje op een terras met zicht op de haven en eten er een kleine portie mosselen NZ 50.jpg(van die grote green lips) en een broodje “vegetarian”. Het water erbij is gratis. Na het eten wandelen we nog enkele winkeltjes in en uit en besluiten daarna nog even zuidwaarts te rijden langs de oostkust tot in Blenheim (spreek uit als “blinim”), middenin het Marlborough wijngebied. Veel is er echter niet te beleven en ook hier zit er niets anders op dan de winkeltjes in en uit te lopen. In een ervan vind ik iets dat ik altijd had willen hebben, maar bij ons nog nooit heb gevonden: een apparaatje om het alcoholgehalte in je adem te testen. Voor 25 dollar is het van mij. Nu nog een batterijtje vinden en testen hoe goed het werkt. Op de terugweg naar Picton stoppen we bij Annies, een kraaknet bedrijfje met aantrekkelijke winkel waar ze hun befaamde - althans in Nieuw-Zeeland -  “all fruit bars” verkopen, velletjes gedroogd fruit, puur natuur en zeer gezond. Ze bevatten het equivalent van 4 stukken fruit en smaken lekker. We nemen een five pack mee. We kunnen deze streek natuurlijk niet verlaten vooraleer we enkele foto’s gemaakt hebben van de uitgestrekte wijnvelden en dan gaan we op zoek naar onze B&B voor vanavond. Daarvoor moeten we een tiental kilometer noordwaarts, kronkelend langs de rotskusten, naar Waikawa Bay tot Whatamango Bay. Daar ligt in het groen tegen de heuvelflank “A Sea View B&B”.  Het heeft zijn naam niet gestolen want het biedt een wondermooi uitzicht over de zee waar we regelmatig de Interislander zien voorbij varen. Een smal en zeer steil pad leidt ons naar het huis waar Dave en Christine ons al staan op te wachten. De ontvangst is zéér hartelijk en het is meteen duidelijk dat we alweer een NZ 51.jpgzalige plek gevonden hebben om te overnachten. We parkeren de auto, maar ik vraag me meteen af hoe ik op dit smalle pad ooit zal kunnen terugdraaien. Dave raadt mijn gedachten en stelt me meteen gerust: hij zal de auto wel draaien. We zijn voorlopig de enige gasten, maar tegen vanavond zijn de drie kamers bezet. Dave praat honderduit over de schitterende ligging van zijn huis en over de familie van 7 orka’s (mét kleintjes) die hier vorige week nog in de baai kwam spelen.  Met een beetje geluk krijgen we ze misschien ook te zien. Hij geraakt maar niet uitgepraat en vertelt verder over zijn belevenissen in Borneo, waar zij 10 jaar gewoond hebben. Christine heeft intussen koffie met chocolate cake opgediend en samen genieten we van het heerlijke uitzicht. De zon staat aan een blauwe hemel, maar een koude zuidoostenwind maakt het toch frisjes. De weersvoorspellingen voor morgen zijn echter beter. Natuurlijk moeten Dave en Christine ook weten waar we al overal geweest zijn en wat onze verdere plannen zijn. Als we zeggen dat we morgen naar Kaiteriteri trekken, blijkt dat ze onze gastheren van morgenavond kennen. We moeten hen de groeten doen en ze beloven ons dat het een prachtige B&B is en dat we er een bijzondere verblijfplaats zullen aan hebben. Dat belooft! Dave lost ook ons probleem van de Nieuwzeelandse nationale vlag op. Ik ben in de war met die van Australië: een blauwe vlag met enkele witte sterren en bovenin de Britse Union Jack. Die van Nieuw-Zeeland is bijna dezelfde maar ze telt alleen twee sterren minder. Verder  zag ik er twee verschillende: een blauwe en een rode. De eerste is de vlag voor op land en de tweede wordt enkel op zee gebruikt. Zo, dat is ook alweer uitgeklaard. Nu wordt het toch de hoogste tijd om onze kamer te betrekken, een douche te nemen en… terug naar beneden te trekken voor een kleine wandeling langs de kust. We stoppen bij Kanaka Point, een landmark voor de Maori. Hier dalen we langs een steil pad naar het strand waar we ons snel uit de voeten moeten maken wanneer plotse grote golven komen aanzetten, veroorzaakt door een voorbij varende ferryboot. De plek levert wél mooie foto’s op van de zee, de kust, planten en bloemen. 

 

Op aanraden van Dave rijden we voor het avondeten naar de Waikawa Marina naar het restaurant Spinnaker. Het is te fris om buiten te eten, maar vanachter het glas hebben we een mooi uitzicht over de vele bootjes in de jachthaven, die baden in een felle avondzon. Er is heel wat drukte in het restaurant want de plaatselijke Lions Club viert er zijn kerstfeestje. Het is pas 1 december… De vrouwen zijn feestelijk uitgedost en de mannen dragen een kerstmuts of onnozele rendierhorentjes op hun hoofd. De voorzitter is verkleed als kerstman en draagt een muts met flikkerende lichtjes. Het doet allemaal een beetje kinderachtig aan, maar de sfeer is bijzonder spontaan en uitgelaten. Voor het eten nemen ze gelukkig plaats in een zaaltje apart zodat het steeds toenemende lawaai ons niet al te veel stoort. Even later komen ook de andere gasten uit onze B&B binnen. Ook zij hebben blijkbaar de raad van Dave opgevolgd. Het eten is zeer lekker (sint-jacobsschelpen en vis, hoe kan het ook anders?...) en de bediening zeer vriendelijk. Onze dienster is duidelijk geen inlandse. Ze blijkt Russische te zijn, die in Keulen woont en hier een jaar lang stage en vakantie combineert. Ze geniet al evenveel als wij van Nieuw-Zeeland. Als we terugrijden langs de kronkelende kustweg zijn we nog net op tijd voor de mooie zonsondergang boven de Waikawa Bay. Boven gekomen  in “A Sea View” komt Dave buiten voor… nog maar een babbel. Deze keer gaat het over bloemen en planten en zijn uitgestrekte moestuin en boomgaard. Met een zeker leedvermaak vertelt hij ons ook dat hij op het nieuws gehoord heeft dat het in het Verenigd Koninkrijk vandaag tot -17° C gevroren heeft.

 

 

vorige  volgende

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: nieuw-zeeland, noordereiland, zuidereiland, picton |  Facebook | |