26-08-10

Stilte en rozen in de Ardèche

banner ZFrankrijk.jpg

Dinsdag 1 juni 2010 (1)

 

Als we opstaan schijnt de zon, maar er zijn ook wolken en er staat nog steeds een stevige wind. De kou komt de kamer binnen van zodra ik het venster opendoe. Het ontbijt in La Prégordane is typisch Frans en eerder karig: toast en een paar croissants, confituur en honing. Zoals overal in de Franse hotels wordt de ochtendstilte verstoord door een stofzuiger, want dat is blijkbaar het allereerste wat elke dag moet gebeuren. We twijfelen welke kledij we vandaag moeten aantrekken: zal het koud zijn of niet? La Garde-Guérin ligt zowat op de grens van de Lozère, de Gard en de Ardèche. We trekken vandaag dus naar de Ardèche, zuidoostwaarts van hieruit, maar een echt plan hebben we niet. We willen het heel relaxed doen en we zien wel hoe ver we komen. Op de kaart zien we dat er in de directe omgeving alleen maar villeforte.jpgkronkelende wegen liggen met groen langs en eigenlijk geen enkel stadje van betekenis. Om halftien dalen we de D906 af naar Villefort. Het stadje ligt in de vallei van de Altier aan een vrij groot stuwmeer aan het uiteinde van een diepe rotskloof. Bij de eerste panoramische stop vliegt onze pull al uit, maar in Villefort moeten we hem al weer aantrekken.  In het Office du Tourisme krijgen we een goede kaart van de omgeving die ons de komende dagen goed van pas zal komen. We kopen nog enkele snoepjes voor onderweg en net voor we terug de auto willen instappen, bemerk ik aan de overkant van de straat in de etalage van een winkel dezelfde vreemde stokken staan die we inbouffadou.jpg Chaudes-Aigues gezien hebben en waarvan we ons afvroegen wat het waren. Hier hangt er een woordje uitleg bij: het zijn "bouffadous" en ze dienen om het haardvuur aan te wakkeren. De dikke stok is namelijk hol en aan de dikke kant kan je erin blazen zodat ze dienst doen als blaasbalg.  Later vernemen we dat ze zo lang zijn omdat ze destijds de grote snorren van de boeren moesten weghouden van het vuur. De bouffadou lijkt me ook handig voor de barbecue en zo wil ik er wel een hebben. We stappen de winkel binnen, die ook restaurant, salon de thé, delicatessenzaak en klerenwinkel blijkt te zijn en de winkel en de uitbaatster blijken al even merkwaardig te zijn als de bouffadous. Ze verkoopt allerlei oude rommel en vooral streekproducten waarvan vele hier waarschijnlijk al jaren in de rekken staan en op de meeste hangt een briefje geplakt met wat uitleg in een primitief handschrift. Op de deur hangt ook een briefje: "Le magazin est ouvert. Merci de pousser un peu la porte."  We worden uitbundig ontvangen door de uitbaatster, een dame van ongeveer 50 jaar, alhoewel moeilijk te schatten. Met veel enthousiasme demonstreert ze de bouffadou en blaast haar wangen bol. Ze is duidelijk opgezet met ons bezoek. 

We nemen de D901 naar Les Vans en rijden hoog boven een diepe vallei door mooie bossen met hoofdzakelijk kastanjebomen. Onderweg houden we halt bij een kraampje en kopen er versgeplukte kersen en een potje crème de châtaignes, ook een streekspecialiteit. De Châtaigne d'Ardèche heeft zelfs een Appellation d'Origine Contrôlée. Net vóór het stadje wijst een wegwijzer naar Naves, een "village de caractère". Dat trekt ons wel aan en het is maar 2 kilometer rijden. Net zoals La Garde-Guérin is Naves een middeleeuws dorpje boven op een heuvel, maar dit is groter en meer gerestaureerd en bewoond. In de winter telt het amper 50 inwoners, in de zomer 500. De zon heeft intussen alle wolken verdreven en het is behoorlijk warm geworden. We wandelen door de oude toegangspoort het dorpje binnen en langs de smalle met ruwe keiennaves.jpg geplaveide straatjes komen we op het gezellige dorpspleintje met pittoresk kerkje. Aan de meeste huizen bloeien weelderig allerlei soorten rozen van diverse kleuren en geuren en C weet niet waar ze haar fototoestel het eerst moet op richten. Ik geniet van het feit dat ik deze keer beslist heb mijn videocamera in de auto te laten. We zijn hier helemaal alleen en willen hier zo lang mogelijk blijven. Dit is wat we zoeken: mooi weer, een schilderachtig dorpje, veel bloemen,... Als we hier een terrasje zouden vinden om lekker in het zonnetje te lunchen ... en jawel, op het dorpspleintje is er zowaar een restaurant. Tot onze ontgoocheling is het vandaag echter gesloten, dus moeten we wel afzakken naar Les Vans. Hier had Piet Huysentruyt ooit een restaurant, dat hij inmiddels heeft verlaten voor meer lucratieve bezigheden in België. Op het dorpsplein stappen we binnen in restaurant "Le Dardaillou" waar het ruime terras al tamelijk vol zit. We krijgen een plaatsje naast twee Brusselaars, die ons weten te vertellen dat het regent in heel Frankrijk. Hier echter niet, integendeel we genieten van een lekker warm zonnetje. Voor slechts 12 Euro krijgen we hier een driegangen dagmenu voorgeschoteld, wijn én koffie inbegrepen.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frankrijk, ardèche, villefort, naves, les vans |  Facebook | |

24-08-10

Een middeleeuws dorpje

banner ZFrankrijk.jpg

Maandag 31 mei 2010 (2)

Intussen zijn we de Lozère binnengereden. Ook hier een mooi landschap: hogere bergen, diepere valleien, grote vergezichten en vooral veel meer bossen die in dit seizoen ongelooflijk veel tinten van groen vertonen. Overal zorgen bloeiende bremstruiken voor helgele vlekken in het landschap en samen met de zon, die af en toe een blauw gat vindt tussen de wolken, zorgen ze direct voor een zomerse en zuiderse sfeer. Ook nu hebben we tijd over en we slaan af en toe een dorpje in: Barjac , waar niets te zien is, en Le Bleymard, dat beter is maar waar 80% van de huizen leeg staat. Het ziet er bijna uit als een spookdorp. Zou ook deze streek steeds meer door de jeugd verlaten worden of zou hier meer volk zijn in de winter? Le Bleymard is namelijk ook een wintersportcentrum met 7 alpine- en 5 langlaufpistes en we Garde Guerin.jpgzijn hier ook dicht bij de Mont Lozère, de hoogste berg van de Cévennes en vlakbij de bron van de Lot.  Net vóór onze bestemming komen we aan het stuwmeer van Villefort en daar trekken we de bergen in op zoek naar La Garde-Guérin, onze bestemming voor vandaag en verblijfplaats voor de volgende drie dagen. De hemel wordt steeds blauwer en de brem steeds geler! La Garde-Guérin is een klein middeleeuws dorpje dat boven op een 800 meter hoge heuvel ligt en geboekt staat als één van de "plus beaux villages de France".  De toren van het kasteel en het silhouet van de gerestaureerde huisjes tekent zich mooi af tegen de blauwe hemel. Aan de andere kant van de vallei beschijnt de zon de zwarte regenwolken. We parkeren de auto op de parking aan de ingang van het dorpje -er mogen geen auto's binnen- en gaan op zoek naar de Auberge "La Prégordane" waar we voor drie nachten geboekt hebben. We moeten niet ver zoeken want het dorpje telt maar enkele huizen. Het hotel is ondergebracht in een mooi gerestaureerd burgerhuis. In de portiek van de ingang vliegen zwaluwen krijsend in en uit. Bij de ingang lopen we de chefkok tegen het lijf die ons verwelkomt en vraagt waar we vandaan komen. Als hij hoort dat we in Laguiole geweest zijn, beweert hij bevriend te zijn met Michel Bras, met wie hij samen gestudeerd heeft. Hij houdt er echter een andere keuken op na en houdt het bij de cuisine du terroir. We zeggen dat dat veel belooft en hij belooft ons lekkere streekgerechten. We krijgen een kamer op de tweede verdieping toegewezen en moeten dus onze koffers langs een smalle wenteltrap nar boven sleuren. Het gebouw is ook van binnen met veel respect voor het oorspronkelijke interieur gerestaureerd: muren en vloeren in natuursteen, grote open haard, antieke meubelen. Onze kamer is ruim en biedt zicht op de toren en de ruïnes van het kasteel. Het is er vooral zéér rustig want rond dit uur verlaten de (weinige) toeristen het dorpje. We besluiten vóór het eten alvast eens het dorpje te exploreren. De hemel is Garde Guerin 2.jpgintussen volledig blauw, maar er staat een koude wind en het wordt steeds frisser en tegen 19 uur zoeken we maar gauw onze kamer terug op. We hebben ook al een stevige honger. Het restaurant is helemaal in stijl van het huis: gewelfde plafonds, kleine glasraampjes, open haard en oude wandtapijten. Het zit tamelijk vol met vooral buitenlandse toeristen: ik tel 6 Belgen, 6 Engelsen, 2 Zwitsers en slechts 3 Fransen.  De patron, een sportieve veertiger, kalende kop en modern in het zwart gekleed, stelt ons het dagmenu voor. Het klinkt aantrekkelijk en we besluiten dan ook maar op zijn voorstel om halfpension te nemen, in te gaan. We mogen dat trouwens elke avond afzonderlijk beslissen naargelang het menu ons al dan niet bevalt. De streekgerechten (maouche de pruneaux en selle d'agneau) zijn overigens heel lekker. Na het eten is het écht te koud voor een wandeling zodat we al om 21.45 uur onze warme kamer opzoeken. We bekijken even de kaart van de streek en maken onze plannen voor  morgen. We besluiten eerst de Ardèche in te trekken. Maar eerst wacht ons een weldoende rust in de nagenoeg complete stilte van het verlaten dorpje.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frankrijk, cévennes, la garde-guérin |  Facebook | |