22-12-08

De laatste dag

Zaterdag 29 mei 2004

Om 9 uur hebben we opnieuw een afspraak met Pampa Voyages voor een ander geleid bezoek, deze keer aan de Medina en de Soeks. Marokko 40We hebben opnieuw Mouir als gids en Mohammed als chauffeur. Ze bevestigen ons dat er nog steeds staking is van de piloten van Royal Air Maroc en hebben gehoord dat er op de luchthaven een massa mensen geblokkeerd zit. Alleen de vluchten van Air France zouden doorgaan. Mouir zegt dat we niet moeten panikeren, maar gewoon bericht van Pampa Voyage afwachten. Onze wandeling door de Medina begint bij de fontein met de mooie naam Chrob ou Chouf, wat “Drink en Bewonder” betekent. Het is inderdaad een mooi bouwwerk met vooral een prachtig bewerkte luifel in cederhout, maar het ligt er wel wat verwaarloosd bij. Van hieruit wandelen we naar het labyrint van de Soeks.

Marokko 41
Het is duidelijk dat een gids hier geen overbodige luxe is, want na enkele straatjes in en uit zijn we al gauw onze oriëntatie kwijt. We zitten midden in de handelsdrukte van allerlei ambachtslui die in hun ateliertje druk doende zijn en terzelfdertijd zeer actief proberen zowel de toeristen als de inheemse klanten over de stoep te lokken. Het publiek is al even schilderachtig als de ambachtslui zelf en de talloze karretjes en wagentjes die al dan niet door een ezel worden getrokken, maken het typische beeld volledig. We trekken achtereenvolgens door de wijk van de leerbewerkers, de schoenmakers – een massa “babouches” in alle mogelijke kleuren – metaalbewerkers, koperslagers, naai- en borduurwerkers. Mouir lijkt hier zeer veel mensen te kennen. Hier en daar wordt hij hartelijk begroet of slaat hij zelf iemand vriendschappelijk op de schouder. De meeste ambachtslui hebben kleine jongetjes in de leer die op straat gezeten hun werk doen en van wie sommigen hun stiel al goed onder de knie blijken te hebben. Voor een kleine fooi laten ze zich gewillig filmen. Een jongetje van een jaar of tien is bezig met een zeer eenvoudig en primitief toestelletje hout te draaien. Hij beweegt de draaimachine met de hand terwijl hij zeer vaardig met zijn tenen het hout over het scherpe mes beweegt. Hij maakt op die manier houten handvatjes voor bv. vleesbrochettes. Hier en daar zijn er natuurlijk ook fruit- en groentenstalletjes of kleine vleeswinkeltjes waar de hele en halve schapen tegen de buitenmuur hangen en de ingewanden op de toog liggen. Koelkasten zijn hier onbestaande en wanneer een stuk vlees per ongeluk op straat valt, raapt een behulpzame voorbijganger het wel op. Bij de kippenboer zitten de kippen in kooien en worden levend op de weegschaal gezet vooraleer ze letterlijk een kopje kleiner worden gemaakt. Ik film natuurlijk zeer gretig, al moet ik er toch wat op letten niet teveel mensen ongevraagd in beeld te brengen. Mouir toont zich niet erg geduldig en loopt steeds ver voor mij uit zodat ik mij voortdurend moet opjagen. Ik zou hier liever meer tijd hebben, maar misschien kunnen we deze namiddag nog eens terugkomen. We zien tientallen vrouwen door de straat lopen met een Marokko 42plateau waarover een witte doek doek ligt. Mouir legt ons uit dat daar deeg onder zit dat bij de bakker gebracht wordt, die tegen betaling er brood zal van bakken. Als hij ziet dat we daarin geïnteresseerd zijn, brengt hij ons bij een bakker binnen. We worden zeer hartelijk ontvangen in het kamertje dat terzelfdertijd bakkerij en woonkamer is. Langs de muur staat een tafel, een sofa en een rek om de gebakken broden in te leggen. De bakker wakkert het vuur aan en toont ons hoe het brood in en uit de oven geschoven wordt. Straks komen de huisvrouwen hun gebakken broodjes ophalen en dit scenario herhaalt zich elke dag opnieuw.
 

We worden vervolgens binnen geloodst bij een schoenmaker en in een “Maison Berbère”, stuk voor stuk vrienden van onze gids, die hier zonder twijfel vooral commerciële belangen heeft. Het berberhuis is eigenlijk een grootwarenhuis waar alle mogelijke ambachtelijke voorwerpen verkocht worden, van goedkope kitsch tot duur antiek. We besluiten om hier van die typische gekleurde theeglaasjes te kopen en zoeken er een vijftal uit. De verkoper feliciteert ons met onze goede smaak en... vraagt er zo maar eventjes 1200 Dirham voor (120 Euro!). Als ik hem zeg dat dit niet ernstig is, vraagt hij me wat ik dan wél een redelijke prijs vind. Ik durf het nauwelijks zeggen, maar biedt hem dan toch 120 Dirham met de vrees dat hij daarop kwaad zal reageren. Maar dat doet hij niet. Het “spel” van bod en tegenbod begint. Hij neemt een klein papiertje en maakt twee kolommen. Links schrijft hij 1200 en rechts 120. "Nu gaan we in drie beurten tot een akkoord komen” zegt hij. En inderdaad, om beurten schrijven we een nieuw cijfer en via 600-150 en 400-160 komen we tot een akkoord op 160 Dirham. Dat lijkt me een goede zaak, maar je weet het natuurlijk nooit. In ieder geval vinden we de glaasjes mooi en achteraf zien we er nergens die we even mooi vinden; wel veel die goedkoper zijn. En dan gaat het naar de beroemde koranschool of Medersa Ben Youssef, een andere parel van Marrakech.

Marokko 43
Het is een prachtig gebouw met een schitterende binnenplaats met in het midden een vijver en rondom indrukwekkende gesculpteerde muren, ramen, deuren en portalen. Via een smalle trap komen we in de kleine, kale cellen waar de leerlingen vroeger in totale afzondering van de buitenwereld leefden en de koran bestudeerden. Na hun studies waren ze zeer gerespecteerde burgers en hadden ze toegang tot zeer invloedrijke beroepen zoals rechter, advocaat of notaris. De burgerlijke wetgeving was en is hier immers zeer sterk met de islamitische godsdienst verbonden. Toch een beetje onder de indruk verlaten we de medersa en storten ons terug in de hectische straatjes van de Medina, op weg naar ons volgende bezoek: de herborist. Het is een mengeling van een groothandel in kruiden en een apotheek. De verkopers dragen witte stofjassen en geven uitleg bij de geneeskracht van alle beschikbare kruiden, poeders en zalfjes. Christiane doet nog enkele keukenkruiden in: kaneel, kummel en 3 blokjes muskus. Deze laatste zijn niet voor de keuken bestemd maar moeten in de kleerkast voor een goede geur zorgen en hopelijk ook de motten weghouden. P de terugweg, aan de Kasbamoskee zijn we getuige van een begrafenisstoet. Het lijk wordt open en bloot op de schouders gedragen en in een stille stoet door de drukke straten naar de moskee gebracht. Heel indrukwekkend en ik voel onmiddellijk aan dat hiervan geen foto- of video-opname kan gemaakt worden.
 

Ook nu eindigt onze rondleiding stipt tegen het middaguur en we nemen opnieuw de tijd om in het hotel bij het zwembad tot rust te komen. Maar om 14 uur zijn we alweer op stap. Dit is immers onze allerlaatste middag. We nemen een “petit taxi” naar Guéliz, de nieuwe stad, dat wil zeggen de lange Avenue Mohammed V en zijstraten. We laten ons afzetten aan het bureau van Pampa Voyage waar we gaan informeren naar de staking op de luchthaven. We krijgen enkel te horen dat ze afwachten en dat we vanavond in het hotel wel verdere informatie en richtlijnen zullen krijgen. In de onmiddellijke buurt is het bureau van Royal Air Maroc gevestigd en daar staat een lange rij toeristen aan te schuiven. Het lange wachten schrikt ons af en we besluiten maar om niet aan te schuiven, want wellicht krijgen we daar hetzelfde antwoord. We vertrouwen dus maar op Pampa en trekken erop uit, winkelen. Het eerste waarnaar Christiane op zoek gaat is een passend handtasje voor het huwelijk van Hendrik en Karien. Een bediende van het hotel heeft ons “Berkmayer” aanbevolen als een heel chique winkel, maar dat valt dik tegen. De rest ook trouwens. We vinden geen enkel geschikt handtasje en op het einde, om niet helemaal onverrichterzake terug te keren, kopen we toch iets dat eventueel kan dienen. Het kost amper 29 Dirham (2,50 Euro) maar dat hoeven ze bij ons niet te weten natuurlijk. Brahim toonde ons eergisteren een goede patisserie, maar we vinden ze niet terug. We stappen dan maar een andere patisserie binnen en staan versteld van het enorme aanbod: koekjes en Marokko 44gebakjes van alle mogelijke vormen liggen er op grote schalen tentoongespreid. We kopen elk 4 koekjes en die moeten deze middag als onze lunch dienen, iets anders deftigs is er namelijk niet te vinden. We besluiten te voet terug te gaan naar de oude stad. Het is een lange wandeling van een paar kilometer en onderweg zijn er een aantal chique hotels waar we misschien toch nog een handtasje kunnen vinden. Hotel Marrakech, een vijfsterrenhotel, is er één van; een luxueus complex van indrukwekkende afmetingen, althans aan de buitenkant... want binnen is het een slordige chaos waar massa’s Franse toeristen van dito allooi rondhangen of aan het zwembad luieren onder het luidruchtige gestomp van keiharde beatmuziek. De shops zijn natuurlijk van hetzelfde kaliber en hier vinden we uiteraard ook niet het tasje waarnaar we op zoek zijn. We besluiten dan maar naar het beroemde en poepchique Hotel La Mamounia te trekken. Als ze het daar niet hebben... Maar we worden aan de ingangspoort tegengehouden door een kleerkast van een portier en omdat we in short zijn, mogen we er niet in! Daarvoor is deze instelling veel te chique! We zullen het tasje maar vergeten. 

Zo komen we opnieuw terecht op het Jemaa-el-Fna plein waar op dit uur van de vooravond het al behoorlijk druk is. We beklimmen het dakterras van het Café Glacier van waaruit we een ideale positie hebben voor algemene overzichtbeelden op foto en video.

Marokko 45
Je komt er niet in zonder op voorhand een consumptie te betalen en het is er werkelijk drummen voor een goed plekje. De hele avond door verdringen de toeristen zich hier voor een plaatsje op de eerste rij. Wij blijven er een klein halfuurtje en genieten van het spektakel en de unieke sfeer, zowel visueel als auditief. Ik haal natuurlijk ook mijn hartje op met mijn videocamera. Het begint al een beetje te deemsteren als we – nog steeds te voet – de terugweg naar het hotel aanvatten. Plots valt Christiane haar oog op de kleine maar chique ingang van een hotel: het Hotel des Orangers dat deel uitmaakt van de Relais et Châteaux, en... hier ligt in de hotelshop precies wat we zoeken: een mooi geborduurd handtasje dat zowel qua kleur als Marokko 46qua materiaal geschikt past bij Christianes kleren voor het huwelijk van Hendrik en Karien in augustus. Ze vragen er 580 Dirham (55 Euro) voor en van afbieden is hier geen sprake, integendeel, ze vragen 10% extra als ik met creditcard wil betalen. Voor die prijs verkies ik toch contant te betalen en daar gaat mijn laatste cash geld zodat ik voor de laatste dag nog verplicht ben geld te wisselen. Dit is echt een prachtig hotel en misschien wel iets vanavond hier te dineren als waardig afscheid van Marokko. Na een blik op de kaart besluiten we echter er toch maar van af te zien wegens een zuiver Franse keuken en... véél te duur.  We zullen maar in Les Jardins de la Médina eten, want beter dan dat zullen we toch moeilijk kunnen vinden. Aan de balie van ons hotel vraag ik een hotelbrochure voor D&D-reizen. Ik ben ervan overtuigd dat ze het niet goed kennen en wil hen overtuigen dat het stukken beter is dan Hotel La Koutoubia dat zij ons hadden aanbevolen (we zijn deze namiddag eens gaan kijken). De gastronomische afsluiting van onze vakantie is zeer geslaagd: eerst  beiden een harira, Christiane een tajine de veau aux poires en ik een couscous Tfaya, een echte specialiteit uit Marrakech, bestaande uit een couscous met lamsvlees en rozijnen, saffraan, kaneel, gember, bruine suiker en honing. Heerlijk! Kroon op het werk zijn ook nu weer de desserts: Trinité de crèmes brûlées voor mij en pêches roties aux fruits rouges voor Christiane. Als afsluiter kon het niet beter en dan is er natuurlijk ook de schitterende sfeer... hemels!

09:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: marokko, marrakech |  Facebook | |

21-12-08

Het paradijs op aarde: de Majorelletuin

Vrijdag 28 mei 2004

We hebben zeer goed geslapen in ons reuzengroot bed. Het ontbijt wordt uiteraard geserveerd op het terras waar het werkelijk heerlijk toeven is. We hebben de keuze uit alle mogelijke lekkernijen: zoet en zout, koud en warm, Marokkaans en Westers, kaas, vlees, cakes, fruit... Aan een fornuisje maakt een kok omeletten naar smaak en bakt tussendoor kleine dikke pannenkoekjes. We weten niet waar eerst toetasten. De zon is al volop van de partij en ik besluit om me deze keer goed met zonnecrème te beschermen. Stipt om 9 uur komt onze gids Mouir ons in een klein Fiatje ophalen, vergezeld van Mohammed, de chauffeur. Deze keer is het geen Berber, maar een Arabier; een zeer beschaafde, verzorgd en rijk geklede jongeman; zeer vriendelijk, maar een beetje kruiperig en onecht: “Oui, Monsieur. Biensûr Monsieur.” Hij doet weinig enthousiast over de Berbers. Marrakech is oorspronkelijk een Berberstad maar nu bestaat de bevolking, meer dan enkele miljoen inwoners, uit ongeveer evenveel Arabieren als Berbers. Ondanks de aanwezigheid van een Joodse wijk zijn er nog amper 500 Joden. We doen deze voormiddag het geleide bezoek aan de stadsmuren en de tuinen. De indrukwekkende, kilometerslange stadsmuren krijgen we natuurlijk slechts vanuit de auto te zien en onze eerste halte is de Menara-tuin. Midden een uitgestrekt park, dat weliswaar zeer groen is maar een nauwelijks aangelegde of verzorgde indruk biedt, ligt een grote vijver met aan de rand ervan een eerder eenvoudig paviljoen. Mouir geeft de reuzengrote karpers in de vijver enkele brokken brood, maar ook dat vind ik helemaal niet spectaculair en nauwelijks het vermelden waard. We vertoeven hier dan ook niet al te lang en zetten onze tocht verder naar de Majorelle-tuin. Dit is een echte openbaring!

Marokko 34.gif

Schitterende palmbomen, cactussen van alle formaten en vormen, exotische bloemen, bougainvilles, pergola’s, fonteintjes en waterpartijen vormen het decor voor een opvallend azuurblauw gekleurde villa die nóg kleurrijker gemaakt is door andere felgekleurde elementen zoals knalgele ramen, groene deuren, pastelkleurige bloempotten, enz. Dezelfde kleuren worden doorheen de hele tuin in allerlei ornamenten herhaald: blauw, geel, roze, licht groen, lichtblauw. Dit zijn dé typische foto’s uit de reclameposters voor Marokko. De felle zon en de staalblauwe hemel vervolledigen de paradijselijke en onmiskenbaar Oosterse sfeer. Het huis in Art Nouveaustijl en de tuin zijn in 1931 gebouwd door de Franse schilder Jacques Majorelle, die hier niet alleen verliefd werd op het land maar vooral op het licht. Na zijn dood geraakte alles in verval tot de befaamde couturier Yves Saint-Laurent het huis kocht en in zijn oorspronkelijke glorie herstelde. In de villa is een kleine tentoonstelling gewijd aan Majorelle en is een heel mooi museum van Marokkaanse kunst ondergebracht. We hebben jammer genoeg niet de tijd voor een bezoek maar nemen daarentegen uitgebreid de tijd om van de tuin te genieten. En, hoe raad je het? Filmen en fotograferen maar...
 

We rijden terug naar de stad en aan één van de oude poorten parkeert Mohammed zijn auto en wij volgen Mouir de smalle straatjes in. We gaan de wijk van de leerlooiers bezoeken. Die ligt aan de rand van de Medina omwille van de stank die de rottende dierenvellen verspreiden. Eerst koopt onze gids een bosje verse munt en geeft ons elk de helft ervan. “Des masques de gaz” zegt hij, om ons een beetje te beschermen tegen de kwalijke geurtjes.

Marokko 35Op een soort binnenkoer zijn mannen allerlei vieze werkjes aan het uitvoeren in en rond cirkelvormige waterputten. De ene staat tot aan zijn knieën in het vieze water en duwt de vellen trappelend in het bruine sop; een andere maakt de lichtgroenkleurende vellen kaal door er de haren af te stropen en nog anderen slepen de kletsnatte vellen druipend uit de kuilen en laden ze over op een karretje waaraan een ezeltje geduldig staat te wachten. Niemand lijkt zich ook maar een greintje aan te trekken van de viezigheid of de stank. Die laatste valt trouwens nog mee; ik had het me veel erger voorgesteld en de stank valt te harden ook zonder ons “gasmasker”. Maar goed ook want we geraken onze munttakken al gauw kwijt wanneer drie geiten ze ons opdringerig komen afbedelen. Daarna loodst Mouir ons binnen in het Palais Vizir, een van de vele oude paleizen in het centrum van de oude binnenstad met prachtig gedecoreerde deuren, Marokko 36muren en plafonds. Maar dit is een zuiver commercieel bezoek: we worden weliswaar door de kamers van het gebouw rondgeleid en krijgen een demonstratie van het knopen van tapijten  - Christiane mag het zelfs zelf eens proberen - maar hoofddoel van de vriendelijke ontvangst is de presentatie en eventueel verkoop van tapijten. Er zijn echt prachtige exemplaren bij, maar we durven niet naar de prijs te vragen uit schrik dat dit als een bod zal beschouwd worden en we niet met rust zullen gelaten worden tot we kopen. Van zodra de verkoper er zeker van is dat hij aan ons niets zal slijten, laat hij ons als een steen vallen, weliswaar niet zonder ons de obligate muntthee te hebben ingeschonken.  

Op onze verdere wandeling in de Medina, in de buurt van het koninklijke paleis, zit een oude vrouw lood te smelten op een vuurtje terwijl een drietal vrouwen geduldig staan te wachten. Het is één van de rituelen die bedevaarders hier ondergaan op zoek naar geluk, rijkdom of de oplossing van een probleem. Wanneer het lood volledig gesmolten is wordt de pan van het vuur genomen en gaat één van de vrouwen met opgeheven rokken en gespreide benen over de rook staan. Uit de patronen die zich in het opnieuw gestolde lood aftekenen, wordt dan de toekomst of ik weet niet wat afgelezen. Er komen jaarlijks duizenden moslims op bedevaart naar Marrakech, de stad van de 7 patroons. De bedevaarders komen voor een hele week naar de stad en smeken met soms heel bizarre ceremonies en rituelen elke dag van een andere patroon een of andere gunst af. Even verder maakt onze gids ons attent op een ijzeren hek dat vol hangt met kleine hangslotjes. Ze zijn er aan het begin van de week door bedevaarders aangehangen als symbool voor hun probleem. Na de rituelen, gebeden en offers worden de slotjes losgemaakt om het deblokkeren of oplossen van hun probleem te symboliseren. Intrigerend allemaal en kleinigheden die ons zonder gids ongetwijfeld zouden ontgaan. 

Om 12 uur zijn we terug bij ons hotel. In de koele binnentuin is het heerlijk toeven op het heetste van de dag. We gebruiken er een lichte maaltijd en verpozen daarna een paar uurtjes in en om het zwembad. In de kamer wacht ons een leuke en originele verrassing: in de wc-pot zijn rozenblaadjes gestrooid. Om 15 uur gaan we opnieuw op stap, richting Saadische Graven, Marokko 37die vlakbij ons hotel gelegen zijn. Het is vrij rustig in de stad want het is vrijdag vandaag en dat is voor de moslims wat voor ons de zondag is. Bij de graven is er echter veel volk, maar we kunnen ons toch makkelijk tussen de groepen toeristen door wringen. Dit is een van de mooiste plekken van Marrakech en wellicht van Marokko. Hier bouwden de Saadische prinsen in de twaalfde eeuw graftomben in schitterend versierde mausolea met ragfijn stucwerk op plafonds, muren en ingangspoorten. De marmeren grafstenen zelf zijn klein maar zeer fijn gesculpteerd met arabesken en inscripties. Deze plek is werkelijk een must voor iedereen die Marrakech bezoekt. Daarna gaan we op zoek naar het Palais de Bahia en dat valt niet echt mee. We wijzen alle jongetjes af die zich als gids aanbieden maar ons stadsplannetje is te weinig gedetailleerd om zelf onze weg te vinden en vooral, er zijn geen straatnaamborden. We vinden toch een bordje dat naar het Bahia-paleis wijst, maar al gauw staan we in een doodlopend steegje. Ik verdenk de jonge “gidsjes” ervan dat zij die bordjes hebben opgehangen om zichzelf onmisbaar te maken. Marokko 38Overal waar toeristen zijn, ruiken de plaatselijke kinderen geld en worden ze bijzonder creatief om dat in hun zakken te krijgen. Maar we houden koppig vol en het is pas nadat we de hulp van een politieman hebben ingeroepen – en een paar nodeloze kilometer hebben afgelegd -  dat we het paleis vinden.  Het is snikheet. Het paleis met zijn tuinen en patio’s biedt echter wat koelte en we genieten echt van dit bezoek. De vele kamers en tuintjes zijn zeer gevarieerd en sommige zijn werkelijk adembenemend. We vallen van de ene verrassing in de andere en hoe dieper je in het paleis doordringt, hoe groter de luxe. De kamers zijn ook hier voorzien van ragfijn beschilderde en bewerkte plafonds in cederhout; de deurnissen zijn uitgewerkt in pleisterwerk dat fijn beschilderd is en er uit ziet als kant; de deuren zelf zijn kunstig bewerkt en geschilderd. Het lijkt wel eindeloos en het ene gebouw volgt het andere tuintje op. 

Ook om terug te keren naar het hotel is het even zoeken, maar instinctief volgen we de goede richting. We hebben nog de tijd voor een terrasje, maar dat is eerder gezegd dan gedaan. Behalve op het drukke Jemaa-el-Fna-plein en de nog drukkere winkelstraat in de buurt is er nergens een terras te bespeuren. Maar waar kunnen we beter even tot rust komen dan in ons eigen hotel en er nog wat nagenieten van alweer een dag vol onvergetelijke indrukken. Er is intussen, net zoals gisterenavond, een wind opgestoken. Een ober van het hotel zegt dat dat in deze periode van het jaar normaal is. Het zijn winden die uit de bergen komen en hij noemt het “l’été qui dit au revoir à l’hiver”. Het duurt meestal ongeveer een week . Om 20 uur worden we door Pampas Voyages opnieuw opgehaald voor de Soirée Marocaine. Onze chauffeur is opnieuw Mohammed, maar deze keer met een mooiere en grotere auto.

Marokko 39
Hij zet ons af aan restaurant Ksar el Hamra midden in de Medina en zal blijven wachten tot we klaar zijn. Het is een authentiek oud paleis met een weelderige tuin waar het openluchtrestaurant zeer stemmig is ingericht en waar op een podiumpje twee muzikanten traditionele muziek ten beste geven. De tafels zijn chique gedekt met veel zilverwerk en de obers dragen mooie witte pakken met rode afbiezing en rode fez. Vóór de maaltijd komen twee obers met een mooie zilveren kan en kom en overgieten onze handen met water. We zijn aanvankelijk bijna alleen in het grote restaurant maar al gauw loopt de zaak vol met een paar groepen toeristen, voornamelijk Amerikanen die naarmate de avond vordert, steeds luidruchtiger worden. We worden vergast op een uitgebreid menu met alle mogelijke Marokkaanse specialiteiten: hors d’oeuvres (niet minder dan 9 kleine kommetjes), tajine, pastilla de pigeon, oranges au canel. Zeer lekker, maar uiteindelijk blijkt het gamma toch eerder beperkt te zijn. 
 

Op de terugweg vertelt Mohammed dat er vandaag een staking was bij Royal Air Maroc. We slaan er niet veel acht op want wij vertrekken pas overmorgen en we zullen wel zien. Op onze kamer worden we verrast met een stuk chocolade op ons hoofdkussen met de groeten van Marika, “votre femme de chambre”. Die verwacht dus ook een fooi...

09:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: marokko, marrakech |  Facebook | |