01-03-13

De prachtige Dilwara Tempels

Banner India.jpg

Dinsdag 4 december 2012 (2)

 

We rijden door een vallei van het Aravaligebergte, waarschijnlijk het oudste gebergte ter wereld. Hier worden veel fruit en groenten gekweekt. Als we de vallei verlaten, gaat het langs een kronkelende weg naar omhoog de bergen in. Op de muurtjes langs de weg zitten hele families India Ca 04 dec 2012 073.JPGapen ons aan te staren. Het zijn langoeren of “langstaarten”. Met hun bijna witte pels en zwart aangezicht zien ze er best wel lief uit, maar of ze dat ook zijn?...  In geen tijd rijden we hoog boven de vallei en bereiken Mount Abu waar het landschap plots verandert door de verspreide hoge palmbomen. Een 20 minuten over de top bereiken we ons hotel: het Mount Abu Palace Hotel dat gevestigd is in het Bikaner House en dat door François is aangekondigd als het “spookkasteel”.  Vroeger was het de zomerresidentie van de familie Bikaner en het dateert uit het einde van de 19de eeuw. Het domein werd in de jaren zestig omgevormd tot een hotel maar is nog steeds eigendom van dezelfde familie. Achter een imposante inrijpoort ligt een prachtig park met palmbomen en veel bloemen. Middenin staat het robuuste maar elegante gebouw in rode zandsteen. Ook dit is een heritage hotel, d.w.z. dat het is gevestigd in een authentiek historisch gebouw met respect voor het oorspronkelijke karakter. We krijgen een heuse suite toebedeeld. Na een lange privégang komen we in een dressing en een zeer ruime slaap- en dito badkamer.  Daarnaast beschikken we nog over 2 salons en 2 bureaus. Een kamer om in verloren te lopen… We gaan meteen aan tafel voor het lunchbuffet en dat is een stuk minder: schaapsvlees en kip, beide meer beentjes dan vlees. Na het eten krijgen we de tijd om even uit te blazen en het hotel en park wat verder te verkennen. In de uitgestrekte tuinen is men bezig alles in gereedheid te brengen voor een trouwfeest dat hier over een paar dagen doorgaat. Zo te zien wordt het een groots feest: er worden podia opgebouwd, lange tafels en massa’s stoelen staan klaar en in de bomen wordt feeërieke verlichting opgehangen. Vanop een groot terras kijken we uit over een groene vallei met een vijver, grote rotsblokken en hoge palmbomen. In de verte prijkt een sprookjesachtig kasteel.

 

Om 15:30 uur trekken we naar dé bezienswaardigheid in Mount Abu: de Dilwara Tempels (video), ongetwijfeld een van de mooiste Jaintempelcomplexen in India. We wandelen te voet van de parking naar de tempel en daar moeten we de schoenen uitdoen en… onze camera’s afgeven. Geen foto’s dus van wat mogelijks een van de hoogtepunten van de reis moet worden. Doodjammer! India Ca 04 dec 2012 130.JPGVòòr we binnengaan krijgen we van François een lange uitleg over het Boeddhisme, het Hindoeïsme en het Jainisme. De Jains geloven dat het mogelijk is het nirvana reeds in het aardse leven te bereiken. Ze hebben een afkeer van geweld, leven streng vegetarisch en respecteren het verbod om enig levend wezen te kwetsen. Sommigen gaan daarin zover dat ze een monddoekje dragen om geen insecten in te ademen en dat ze de grond voor hun voeten met een bezempje vegen teneinde geen insecten per ongeluk dood te trappen. De heilige priesters, die zich zo veel mogelijk aan het aardse leven hebben onttrokken, komen hier in de voormiddag helemaal naakt bidden en mediteren. François is in topvorm en weldra blijven ook de Indiërs belangstellend toekijken en meeluisteren. Zij verstaan er uiteraard geen woord van maar ze hebben voldoende aan zijn mimiek en gestes.  En dan leidt een lokale gids ons binnen in de twee mooiste tempels. Van buitenaf zien ze er eerder sober uit, maar wat een pracht binnenin! De vele zuilen in wit marmer zijn van boven tot onder versierd met superfijn gebeeldhouwde afbeeldingen van goddelijke figuren, mensen en dieren. Van het mooiste dat ik ooit te zien kreeg. Niet minder dan 2.700 mensen hebben hier gedurende 40 jaar aan gewerkt. De beeldjes zijn zo fijn en sommige zijn rondom los uit de zuil gekapt zodat je er helemaal omheen kan kijken.  Er zijn zeer veel inheemse bezoekers want dit is voor de Jain een belangrijk bedevaartsplek. De vrouwen zijn in prachtige sari’s gekleed met veel goudbrokaat en omhangen met schitterende juwelen. Rond hun enkels dragen ze zilveren enkelbanden en ringen aan hun tenen. Ze verbergen hun gezicht achter kleurrijke sluiers. Bij het buitenkomen pik ik natuurlijk zo snel mogelijk mijn camera op zodat ik toch nog wat plaatjes kan schieten van de bonte groep vrouwen die net buitenkomt. Ik benader ze met enige schroom en respect, maar tot mijn verrassing zijn ze superenthousiast en al gauw staan ze in de rij om gefotografeerd te worden. Ook op de weg terug naar de bus schiet ik nog enkele leuke sfeerbeelden.

 

Vòòr het diner hebben we nog een uitstapje tot bij een meer waar we een kleine wandeling gaan maken. Het is een heuse toeristische trekpleister en dat merk je direct aan de mogelijkheid om een bootje te huren, even met een luchtballon op te stijgen, een ritje te maken op een paard of India Ca 04 dec 2012 162.JPGkameel  maar vooral aan de vele winkeltjes en kraampjes. Het is er ook behoorlijk druk. Tijdens de wandeling, terwijl de zon stilaan in het meer ondergaat, krijg ik van François een deskundige en zeer leerrijke uitleg over beeldhouwers en hun technieken. Die man weet werkelijk alles!  Terug in het hotel (waar wellicht ter onzer ere de feestverlichting in de tuin is aangestoken) krijgen we de tijd om ons te verfrissen en even op adem te komen. Daarna zakken we af naar de ruime lounge waar foto’s aan de muur ons vertellen dat de eigenaar van het Bikaner House, Maharadja Singh, een beroemd kleiduifschieter was en vijf maal deelgenomen heeft aan de Olympische Spelen waar hij ooit een bronzen medaille won. Verder hangen er ook talrijke foto’s van de tijgerjacht. Bij een glas wijn wagen we ons aan een lokaal gezelschapsspel: een kruising van sjoelbak en snooker.  Tijdens het eten (niet vet…) leer ik meer over François en zijn artistiek verleden in Gent en elders en samen ontdekken we dat we in hetzelfde college hebben gezeten en dus veel herinneringen delen.  Op de kamer raadplegen we nog even onze e-mails en stellen vast dat er van het thuisfront geen nieuws is. We kunnen dus vannacht weer rustig slapen.

 

vorige                                          volgende

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: india, mount abu, dilwara |  Facebook | |

27-02-13

Horn Please

Banner India.jpg

Dinsdag 4 december 2012 (1)

 

Het was hier op het platteland zeer rustig en stil vannacht, alleen af en toe een toeterende vrachtwagen op de even verder gelegen autostrade. De wekdienst gebeurt hier met een eeuwenoude klop op de deur, geen bel laat staan een telefoon. Dit is dus heritage. De douche geeft zo mogelijk nog minder water dan gisterenavond en we moeten ons dus behelpen met het kleine waterkannetje en de emmer. Na het ontbijt genieten we nog snel even van de heerlijk frisse ochtend en wandelen door de tuin, waar een groep jongemensen aan de yoga-oefeningen bezig is. We nemen een kijkje in de manège en bewonderen nog eens de elegante en krachtige Warmar-paarden die klaargemaakt worden voor een rit. De oortjes staan in een mooi boogje keurig rechtop. Vandaag rijden we naar Mount Abu, een bergdorp op 1.200 meter hoogte, in het Aravali-gebergte. Sinds jaar en dag is Mount Abu een belangrijke bedevaartplaats voor zowel hindoes als jains. Deze laatste groep kennen we in België omdat de meeste Indische diamantairs in Antwerpen tot deze religie behoren. De fruitplukkers in Haspengouw daarentegen zijn sikhs. De busrit loopt door Rajasthan, de 2e grootste staat van India maar ook de 2e minst dichtbevolkte.  Het grootste deel is namelijk woestijn. Rajasthan is de wieg van alle zigeuners en gisteren nog lazen we in een Indische krant dat nu wetenschappelijk bewezen is dat ook de Roma hier hun roots hebben. Op de snelweg (niet meer dan een tweevaksbaan) is dat merkbaar: een ononderbroken rij vrachtwagens vervangt de kamelencaravaans waarmee de nomaden vroeger hun goederen vervoerden. De vrachtwagens zien er allemaal voorhistorisch uit met hun vaak houten cabine en vierkante in twee gesplitste voorruiten. De meeste zijn van het lokale merk Tata en allemaal zijn ze bont versierd India Ch 7 dec 2012 071.JPGmet slingers en allerlei voorwerpen die de kwade geesten moeten afhouden: zwarte flochen of vlaggen vooraan, een wielschijf of een versleten schoen achteraan. Overigens stoppen de chauffeurs (ook onze bus) regelmatig onderweg bij een klein tempeltje en offeren er een gift om de bescherming van de goden af te kopen in het helse verkeer. Wellicht daardoor voelen ze zich ongenaakbaar en rijden ze als gekken. Op de belangrijkste kruispunten staan heilige koeien en ook bij hen willen de vrachtwagenchauffeurs op een goed blaadje staan. Ze kunnen er fris groen kopen dat er door vrouwen wordt aangeboden en de koeien laten het zich gretig welgevallen. Op de achterkant van zeer veel vrachtwagens staat in grote letters geschreven: “Horn please” en dat verklaart dan weer waarom hier zo veel geclaxonneerd wordt. Het is duidelijk: we moeten ons onderweg niet vervelen. Hier is van alles te zien en te beleven en dank zij de vaak geestige verhalen van François komen we er ook alles over te weten. Zo vernemen we dat de vrouwen hier geen sari maar een ghagra choli dragen, een lange rok en een strak aansluitend topje; waarom sommige vrouwen zware zilveren enkelringen dragen (als verzekerde bewaring van rijkdom); dat de enige reden om te sparen in India de bruidschat voor de dochter is en dat de Lohar, een niet zo graag gezien volk van smeden was.

 

We houden halt voor een sanitaire stop bij een hotel met grote souvenirwinkel. Onvoorstelbaar hoeveel brol hier opgestapeld ligt: massa’s armbanden, ringen, hoofddeksels, kleren, sjaals, olifantjes in alle mogelijke kleuren en formaten, messen en dolken, afbeeldingen van goden, koper en alle mogelijke glitter,… Als je ziet hoe weinig toeristen hier komen en dat ze ook aan onze groep nauwelijks iets verkocht krijgen, dan kan het niet anders of al die spullen liggen hier al jaren India Ca 04 dec 2012 039.JPGop een koper te wachten. Wij beperken ons tot het lenigen van de fysieke behoefte en stappen terug de bus op. Terwijl we gretig de vele taferelen onderweg in ons opnemen, benut François de gelegenheid om ons te onderhouden met allerhande wetenswaardigheden over dit fascinerende land. Hij vertelt ons dat alle huizen een kleine huistempel of –altaar hebben evenals een huispriester en dat de pelgrims honderden kilometers afleggen van tempel tot tempel en onderweg geen geld mogen uitgeven. Ze mogen gratis op de trein en leven van wat ze krijgen. Hij vertelt ons verder dat alle dorpen een koeienkliniek hebben waar de heilige dieren verzorging krijgen. Bij een verlaten benzinestation krijgen we het verhaal van de gebroeders Ambani, eigenaars van de Reliance-groep en rijkste familie van Indië, die noodgedwongen hun benzinestations moesten sluiten. Toen de ene broer voor de verjaardag van zijn schoonzus een Boeing cadeau gaf, wilde de andere broer natuurlijk niet onderdoen en schonk op zijn beurt een reusachtig schip aan zijn schoonzus. Intussen rijden we langs uitgestrekte velden met castorplanten waaruit olie voor medische en culinaire doeleinden wordt geperst. De meest gebruikte oliën in India zijn evenwel de mosterdolie en de koolzaadolie terwijl olijfolie hier enkel gebruikt wordt om in het haar te doen. Wat de cosmetica betreft leren we dat de kleine rode vlek op het voorhoofd, de bindi, tegenwoordig enkel een esthetisch doel heeft. Verder is er ook de sindoor, een rode streep in de haarscheiding, die aangeeft dat een vrouw gehuwd is. Bij tempels zie je tenslotte de sadhoe’s die grote strepen of vlekken dragen op het voorhoofd en het hele lichaam. Langs de weg zien we vrouwelijke arbeidsters met grote ronde schalen op het hoofd waarin ze stenen en zand vervoeren. Ook zij dragen tijdens het werk mooi gekleurde kleren. Hier en daar staan mannen zich uitgebreid te wassen bij een waterpomp. Vrouwen doen dat vòòr zonsopgang en zonder hun kleren uit te doen. Ook kinderen dragen dag en nacht dezelfde kleren. Intussen geven we onze ogen de kost langs de weg: we zien vooral veel koeien maar ook ezels, honden en hier en daar een kameel. Er bloeien oleanders in het wild en af en toe kleurt een bougainvillea oogverblindend paars of roze. De vele toektoeks die we voorbijrijden puilen uit van de opgestapelde mensen. Sommigen hebben zelfs binnenin geen plaats en hangen dan maar achteraan naar buiten. Deze voertuigen zijn hier veel gebruikt als taxi voor langere verplaatsingen en ze zijn dan ook prominent aanwezig in het verkeer. De meeste zijn fleurig versierd.

 

vorige                                                   volgende

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: india |  Facebook | |