20-06-10

In Navajogebied

banner yellowstone
Zondag 25 juli 1999 

Het is zwaar bewolkt wanneer we 's morgens Moab verlaten. Dit wordt een overgangsdag die ons naar Kayenta, Arizona moet brengen. Bekend terrein, want hier waren we de vorige keer ook. Het wordt een korte rit en we vragen ons af waarom we eigenlijk niet rechtstreeks naar Page rijden. Het had perfect gekund: amper 177 miles. Maar enfin, dit geeft ons de kans om rustig wat rond te kijken. We verlaten dan ook al gauw onze weg om via de US211 de 50 kilometer verder gelegen Needles te gaan bezoeken. Dit gebied behoort tot Canyonlands National Park dat we eergisteren langs de andere zijde bezocht hebben. We maken dus een omweg van niet minder dan 100 kilometer. We zouden het in Europa niet doen, denk ik. Onderweg houden we halt bij Newspaper Rock. Hier hebben Indianen allerlei tekeningen en symbolen in de rots gegrift. Niemand kent er de echte oorsprong noch betekenis van. The Needles (letterlijk de naalden) zijn een hele reeks kleine, scherpe bergtoppen op een rij. Dit is ongetwijfeld een paradijs voor 4X4-rijders en voor wandelaars. Niet echt geschikt voor personenauto's want de wegen zijn niet geasfalteerd. We maken toch een kort  ritje over een gemakkelijke grindweg en komen steeds dichter bij de rood-witte rotsen in hun meest bizarre vormen.  Onderweg liggen enorme rotsblokken tot op de rand van de weg, zomaar van de bergen afgebrokkeld en naar beneden getuimeld. 

's Middags stoppen we in Monticello aan het Ranch Cookhouse, het enige dat het stoppen waard lijkt. Het is een restaurant in onvervalste western stijl, de diensters incluis. Verschillende plaatselijken, op hun zondags uitgedost, komen er eten. We bestellen buffalo stew: stoverij van buffel. Het blijkt meer een dikke papsaus met aardappelen en wortelen en slechts hier een daar een (smaakloos) stukje vlees. De 'biscuits' die erbij horen zijn wél lekker. Het gaat verder langs rustige wegen (weinig zondagse toeristen) naar Mexican Hat. Hier zijn we aan de grens met Arizona en in Navajogebied. Onderweg zien we prachtig gekleurde bergen waarin zandlagen in verschillende kleuren patronen trekken. We maken nog een ommetje langs de Goosenecks.  Hier zie je de San Juan River zich 4 à 5 maal langs hoge bergen slingeren. Het lijkt op Dead Horse, maar is nóg mooier. Stilaan komt Monument Valley in zicht. Het is al de hele dag zwaar bewolkt, maar hoe dichter we onze bestemming naderen, hoe grijzer het wordt. Monument Valley ligt er dan ook eerder droevig bij en maakt niet zo'n grote indruk als de vorige keer en zelfs niet als Canyonlands en Arches.  Als we in Kayenta aankomen, regent het hard, is het winderig en ronduit koud! Ons hotel (Anasazi Inn) ligt nog een tiental mijl voorbij Kayenta. We waren er niet zeker van, maar het is inderdaad hier dat we drie jaar geleden 's middags gegeten hebben. We zitten in Navajogebied, dus het hotel is zeer eenvoudig en zelfs eerder primitief. Onze kamer is klein en niet erg fris. Naar hun normen is het echter grote luxe: een vrij groot (en proper) café-restaurant en een groot aantal kamers in aparte  huisjes. De gevels zijn allemaal wit geverfd en de dakgoten, de deuren en de ramen in het typische turquoise van de Indianen. 

Het is vijf uur, dus we moeten hier toch nog wel enkele uren zien te doden. We beginnen met koffie en pie. Daarna wat uitrusten op bed, wat lezen en natuurlijk tv kijken. Er is een rechtstreekse voetbalwedstrijd (Fiorentina tegen Aston Villa notabene) en het valt zeer op dat de uitzending geen enkele keer onderbroken wordt voor reclame. Dàt precies maakt voetbal voor de Amerikanen ongeschikt voor televisie! 's Avonds eten we in het hotel. Behalve wijzelf en één jong koppeltje toeristen zijn alle gasten in het goed gevulde restaurant Indianen. Het eten is slecht. We liggen om negen uur al in bed en van tv kijken komt ook al niet veel in huis, want zappen is hier geen pret: er zijn maar tien posten en... geen afstandsbediening.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, utah, arizona, navajo, page |  Facebook | |

18-06-10

Bloed, zweet en tranen...

banner yellowstone
Zaterdag 24 juli 1999

Het is Pioneer Day vandaag, een soort nationale feestdag in Utah waarop de heldentochten van de voorouders worden herdacht die in de vorige eeuw vanuit het Oosten en het Centrum van het land naar hier zijn gekomen. De stad is getooid met Amerikaanse vlaggetjes en vanavond krijgen de kinderen gratis ijsjes. Dat is zowat het hele "feestprogramma". Geen reden dus om thuis te blijven. Een beetje ongerust en een tikkeltje bang voor de lange wandeling naar Delicate Arch, vertrekken we naar Arches National Park. Onze slechte fysieke conditie (cfr de canyon van Yellowstone) en mijn nog niet genezen blaren schrikken ons wat af. Arches ligt op amper een paar kilometer van ons hotel, net buiten Moab. De ranger in het Visitor Center zegt dat de wandeling niet echt moeilijk is, maar zeer steil. Achteraf lezen we in een brochure dat zij niet tot de gemakkelijke, niet tot de middelmatige, maar tot de zware trails gerekend wordt.  Bij het startpunt verwittigt een bord dat elke wandelaar één liter water moet meenemen én hem uitdrinken.  Er staat inderdaad een verschroeiende zon en er is geen meter schaduw. We hebben dus heel wat liters zweet gelaten... Aanvankelijk verloopt de tocht over een lichtjes stijgend breed pad, maar daarna bijna helemaal over steile, gladde rotsen, "slickrock" genaamd. Het is inderdaad niet moeilijk, maar zeer lastig. We stoppen regelmatig om te drinken of een fotootje te nemen, maar vooral om... uit te hijgen. Heel wat (ook oudere) wandelaars steken ons voorbij, maar uiteindelijk bereiken we toch de top. Hier hebben we een goed uitzicht op één van Amerika's meest bezochte bezienswaardigheden: de Delicate Arch.  Het is de grootste natuurlijke brug van Amerika. De Amerikanen laten er zich dus gretig bij fotograferen. 

De terugweg verloopt heel wat makkelijker, maar is voor mijn blaren een ware marteling. Doorheen de pleisters kleuren mijn witte sokken rood. We praten onderweg met een bejaard echtpaar, dat de tocht zeer rustig en traag afwerkt. Ik schat beiden meer dan zeventig jaar oud en dat zijn ze ook. Ze komen uit Indiana en zijn hier al voor de tiende keer want dit is hun favoriete plekje. Vorig jaar hebben ze echter Europa ontdekt. Ze waren in Bretagne en hebben duidelijk hun schrik voor de grote reis overwonnen. Het verre Europa boezemde hen blijkbaar dezelfde schrik in als Amerika vele Europeanen afschrikt. Maar, ze willen nog terug!  De man heeft tijdens de wereldbeker voetbal in Frankrijk ook het soccer leren appreciëren. "Veel mooier dan American football. Die hun spel ligt immers constant stil en het Europees voetbal wordt veel minder onderbroken". Hem moeten ze niet meer wijsmaken dat soccer een vrouwensport is. "Die zogenaamde American football-atleten kunnen volgens mij in het soccer geen halve match mee!".  De hele tocht heeft twee en een half uur geduurd. Op de middag stoppen we voor een piknik aan Devils Garden. Het is een prachtige stopplaats die volledig voor piknik is uitgerust. Schaduw onder de bomen, tafels en banken en gemetselde barbecues. Deze keer hebben we ons wél voorzien van een 'power bar'. Krachtig voedsel voor sportmensen, maar... niet te eten! We eten met lange tanden elk een halve bar op en dat is ook onze buren niet ontgaan. Naast ons is namelijk een grote Mexicaanse familie aan het barbecuen. Ze moeten medelijden met ons gekregen hebben want plots brengt de vader ons een bord met twee schijfjes vlees, groenten, bonen en salsa. We moeten ze met onze vingers eten want extra bestekken hebben ze niet. Echt smaken doet het niet, maar uit beleefdheid durven we niets laten liggen. Uit dankbaarheid schenken we hen onze twee overgebleven power bars. De rest doen we per wagen: we rijden langs Balanced Rock en The Windows en om drie uur zijn we terug in Moab. We eten opnieuw een sandwich in dezelfde bakkerij als gisteren, verfrissen ons nog even in het zwembad en doen tenslotte nog een ritje langs de 'Scenic Route 128' die langs de Colorado River loopt. Ze is er breed, traag en bruingekleurd. Op de terugweg springen we nog even binnen in de Rock Shop. Dit is eigenlijk fascinerend. Hier verkoopt men niets dan stenen. Ze hebben alle denkbare kleuren en zijn afkomstig uit Utah, de rest van de Verenigde Staten en van de hele wereld. We kopen er een glanzend bruin ei in aragonite (calciumtricarbonaat) voor tien dollar. 

's Avonds eten we zéér goed in wat het beste restaurant van Moab zou zijn: "Center Café". Het is er inderdaad voortreffelijk want... Europees geïnspireerd. Geef toe: ons dessert, een verse witte perzik in bladerdeeg met mascarpone Napoleon en frambozensorbet, klinkt niet echt Amerikaans, vind je ook niet? De zeer vriendelijke dienster is vooral fier op het lekkere, zelfgebakken brood. En terecht! De rekening is gepeperd (97 dollar zonder bediening), maar het was zijn prijs waard.

klik hier voor het vervolg

 

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, utah, moab, arches ntl park |  Facebook | |