26-05-10

De eerste hoogdag van onze reis

banner yellowstone
Zaterdag 17 juli 1999

Eigenlijk begint onze reis vandaag pas echt. We hebben uiteraard al heel wat gezien, maar laat ons eerlijk zijn: daarvoor zijn we niet gekomen. Het was allemaal eerder een lange aanloop naar wat toch wel hét hoogtepunt van onze reis moet worden: Yellowstone National Park.  Daar zijn we vandaag aan toe. We zijn dan ook al om 6u30 opgestaan en om 8 uur rijden we al het natuurpark binnen via de West Entrance aan de rand van het stadje. Aan de entrance gate zit een oud mannetje van naar mijn schatting toch wel 70 jaar, verkleed als Park Ranger. Hij is ongelooflijk vriendelijk en enthousiast. Je zou denken dat dit zijn eerste werkdag is van de job waarvan hij al jaren droomt en die hij nog jaren wil blijven doen. Wij kopen een Golden Eagle Pass voor 50 dollar en daarmee kunnen we ook alle volgende Nationale Parken gratis binnen. Vanaf de eerste kilometers rijden we door een prachtig landschap. Van zodra we de eerste rookpluimen uit de bodem zien opstijgen, maken we al een eerste video-stop. In de vlakte onder ons zien we een grote kudde grazende bizons. Verder langs de weg worden we meteen ook geconfronteerd met de sporen van de reusachtige brand die in 1988 zeventig procent van het park in de as heeft gelegd. De komende dagen zullen ze regelmatig terugkomen. Het is uiteraard nog vrij rustig op dit uur, maar na een paar kilometer is er toch al een file!  Oorzaak: twee kolossale bizons wandelen ongestoord op de weg voor de rij auto's uit.  Het is pas wanneer het de heren (of zijn het dames?) behaagt even opzij te gaan, dat de auto's het  één voor één wagen voorzichtig voorbij te rijden.  Dit is geen uitzondering. Verder op onze tocht zullen we trouwens zeer regelmatig herten en bizons zien, waarvoor meestal een hele rij auto's langs of zelfs midden op de weg gestopt zijn. Dit hoort essentieel bij een rit door Yellowstone. Door het park loopt eigenlijk maar één weg, die langs alle bezienswaardigheden loopt en de vorm heeft van een acht. Vandaag doen we de Noordelijke lus. Onze eerste halte is Norris Geyser Basin. De eerste geisers dampen behoorlijk en het water vertoont een diep-turquoise kleur, maar ze zijn niet actief. Bij Porcelain Basin komen we echt onder de indruk: het is een vlakte met rokende holen, pruttelende plassen en vooral een veelheid van ongelooflijke kleuren.  Het is pas wanneer je op de plankenvloer van het verplichte wandelpad loopt, dat je alle schoonheid ontdekt. In het riviertje dat zich door de vlakte kronkelt, val je van de ene verrassing in de andere. Het zijn meestal kleine bronnetjes, stoomgaatjes of plaatsen waar de mineralen en algen onmogelijke kleuren hebben aangenomen. Het varieert van geel, groen, oranje tot bruin en zwart. En dan de blauw-turquoise keur van de waterplassen. Onvergetelijk! We ontmoeten er vier West-Vlamingen die blij zijn ons te zien. Ze zijn al anderhalve week in Yellowstone en wij zijn nog maar de derde Belgen die ze tegenkomen. Eindelijk kunnen ze nog eens een babbeltje slaan. Ze zijn nog enthousiaster dan wijzelf en zeggen ons dat voor hen de Midway Basin de mooiste is.  We zullen zien. Zij hebben in ieder geval ook al drie beren gezien.  

Onze rit gaat verder naar Mammoth Hot Springs. De foto's die we er thuis van gezien hebben, liggen mede aan de basis van onze beslissing om naar hier te komen. De genoemde West-Vlamingen zegden ons dat zij wat ontgoocheld waren. De meeste bronnen zijn immers uitgedroogd. Maar het is tóch een schitterend schouwspel. Natuurlijk is het Minerva Terrace het mooist. Hier stroomt het (warme) water nog steeds langs de travertin-terrassen naar beneden nu eens klaterend, dan weer zacht vloeiend. De mineralen in de rotsen vormen een oranje-bruine kleur die grillig contrasteert met het wit van de kalkafzetting. Het is een hele wandeling, opnieuw over houten staketsels met hoge steile trappen en intussen is de zon zo hard gaan branden, dat het zweet mij in de nek loopt. Onze eerste dag kost ons aldus reeds blaren op de voeten en een helemaal rood verbrande kop. In Mammoth Village eten we een zeer lekkere salade met smoked trout en frisse rauwe spinazie. Het Mammoth Hot Springs Hotel  is een reusachtig gebouw, dat de sfeer van de eerste helft van onze eeuw uitstraalt. Je kan je best voorstellen hoe in die tijd de toeristen hier per diligence na een vermoeiende reis verpozing vonden. Hoe veel rustiger moet het toen geweest zijn. 

Na de middag gaat het via Tower Junction, waar we in de haast de Tower Falls en de Petrified Tree bezoeken, naar de Grand Canyon of Yellowstone. De wegen zijn relatief rustig, maar overal waar we stoppen, is er veel volk. We horen meer Duits dan Engels spreken. Het is inmiddels beginnen regenen, maar we hebben geluk: telkens als we voor iets willen uitstappen, houdt de regen even op. We willen dit stuk van het National Park niet overslaan, maar we verwachten er niet zo veel van. Ten onrechte, zoals blijkt.  Vanaf Inspiration Point en Lookout Point kijken we in een indrukwekkende canyon, met in de diepte een kolkende Yellowstone River en mooi gekleurde rotswanden. In de verte zien we de imposante Lower Falls, een waterval die meer dan 100 meter diep valt (d.i. tweemaal zo diep als de Niagara Falls!). Even verder stoppen we voor een korte wandeling (een afdaling van slechts 400 meter) naar de 'Brink of the Lower Falls'. Het pad is steil, smal en glibberig. Het is een marteling voor mijn voeten, want ik draag mijn docksides zonder sokken. De pijn is echter snel vergeten wanneer we de 'brink' bereiken. Het is het punt waar de waterval zich naar beneden stort. We zien de bruisende watermassa met veel lawaai zich plots naar beneden storten en verstuiven in een gordijn van waterdruppels en mist. Je kan de diepte niet zien, maar de kracht van de enorme hoeveelheid water is huiveringwekkend. Dit is om nooit te vergeten! De beklimming terug naar de parking doet ons nog meer pijn en doet ons daarenboven regelmatig naar adem happen. Onze fysieke conditie is werkelijk beneden alle peil... Dit weerhoudt ons echter niet om even verder ook de 'Brink of the Upper Falls' te gaan bekijken. Gelijkaardig schouwspel, maar een beetje kleiner. Wanneer we daarna door Hayden Valley rijden, kunnen we nauwelijks geloven dat de vredige, brede rivier die hier traag door de hoogvlakte vloeit, zich enkele mijl verder met zo'n geweld in de watervallen zal storten. Hier zijn we in hét domein van het wild. Dus maar uitkijken naar beren! Behalve enkele verre bizons en af en toe een hert, valt er geen levend wezen van formaat te bespeuren. Het is er natuurlijk ook niet het geschikte tijdstip van de dag voor. 

Rond half zeven bereiken we Lake Village waar we twee nachten zullen logeren.  Zoals de naam laat vermoeden ligt de "village" aan het uitgestrekte Yellowstone Lake. Met zijn 20 mijl lengte en 14 mijl breedte is het Amerika's grootste hoogtemeer. We hebben gelezen dat ons hotel (het Lake Yellowstone Hotel) het meest charmante hotel in het park is. Het blijkt een enorm groot gebouw en wanneer we in het annex-gebouw worden ondergebracht in een tamelijk kleine kamer, zijn we aanvankelijk een beetje ontgoocheld. En... geloof het of niet: géén tv op de kamer. Is dit Amerika wel? Toch is dit hotel iets speciaals: er heerst een heel aparte sfeer. In de grote lounge met uitzicht op het meer is het een drukte van jewelste. De meeste mensen zitten in fauteuils te genieten van een drankje en van het uitzicht terwijl een strijkje Mozart speelt. Nieuwe ontgoocheling wanneer we geen plaats meer hebben in het nochtans immense restaurant van ons hotel. Dan maar alvast reserveren voor morgenavond en op zoek naar een ander restaurant. De keuze is snel gemaakt, want ... er is geen keuze. De enige mogelijkheid is de cafetaria van Lake Lodge. Ook dit is iets unieks: een groot gebouw, volledig in hout, met schommelstoelen op het terras en een grote brandende open haard. Schitterend uitzicht over het meer.  Als dit het paradijs niet is, komt het toch wel érg dicht in de buurt. We eten er een grote (ook al is dit het kleinste model...) prime rib. Exact zó moet het hier 100 jaar geleden ook al geweest zijn. Zalig... Zo eindigt ongetwijfeld een hoogdag van onze reis. Om half elf kruipen twee rode kreeften vermoeid in hun bed. Kan het morgen nog even mooi zijn? Of wie weet, nóg mooier?

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, yellowstone, wyoming |  Facebook | |

24-05-10

Het verschil tussen een grizzly en een zwarte beer

banner yellowstone
Vrijdag 16 juli 1999

Vannacht hebben we beiden eindelijk eens goed geslapen en toch zijn we weer vroeg wakker. Er is namelijk nogal veel lawaai in en om het hotel want iedereen blijkt hier al tussen 6 en 7 uur op te staan en te vertrekken! Na een stevig en lekker ontbijt vertrekken ook wij voor een laatste etappe die ons tot aan de poort van het Yellowstone National Park zal brengen. We moeten eerst 37 miles op onze stappen terugkeren tot in Swan Valley om daarna opnieuw twee toeristische routes te nemen: 'Teton Scenic Route' en 'Mesa Falls Scenic Byway'.  Deze laatste is echter wegens wegenwerken gesloten. We stoppen even in Driggs -oude huizen en winkels- en doen er enkele inkopen: zakdoeken voor mijn verkoudheid, gel en... vers geplukte sappige kersen. Voor één van de winkels staat zowaar een auhentiek T-Fordje geparkeerd. Onderweg hebben we een prachtig zicht op de Grand Tetons. We zullen er later op de reis dichter bij komen. Verder zien we opnieuw veel boerderijen zoals we ze kennen van de Amerikaanse films: rommel om en rond het huis; kotterijen, paarden, auto's en autowrakken. Het is soms moeilijk om het verschil te zien. Het lijkt wel of iedereen er een privé-autokerkhof op na houdt of kunnen ze gewoon geen afscheid nemen van hun oude wagen? 

's Middags eten we in Ashton in een typisch Amerikaans restaurantje. Van buitenuit is het niet meer dan een kantine, maar binnen vinden we een mooi interieur met veel hout en grote jachttrofeeën, waaronder een beer en een eland. Wat een kop! Het is er druk: alle mannen dragen een pet en iedereen komt aangereden in een pick-up truck. Het eten is niet veel zaaks. Wanneer we buitenstappen, komen net vier dames binnen met twee grote taarten in hun armen. "Sorry guys, you leave too early!". Ik weet zeker dat we anders inderdaad een stuk (verjaardags?)-taart hadden kunnen mee eten. Nagenoeg de hele namiddag rijden we door een prachtige hoogvlakte met eindeloze dennenbossen. We zien dennen in alle formaten en bij menig jong bos staat de datum van aanplanting. Hier is de natuur nog bezig zich te herstellen van de grote bosbranden die hier in 1988 gewoed hebben.  We verlaten de staat Idaho en rijden Montana binnen. Al gauw zijn we in West-Yellowstone, voor duizenden toeristen de toegangspoort tot het Yellowstone National Park. Het is een leuk stadje met veel hotels, restaurants en winkeltjes. Alles in cowboy-stijl. Wij logeren in het splinternieuwe en immense Holiday Inn Sunspree Hotel. 

Het is nog tamelijk vroeg en we hebben dus de tijd voor een bezoek aan het Grizzly Discovery Center. Het is bijzonder boeiend. We hebben er ruim de gelegenheid om van dichtbij de indrukwekkende grizzly en zwarte beren gade te slaan. Ze zien er toch wel vervaarlijk uit ook al doen ze soms komisch en zelfs lief. We hopen dat we er in de eerstkomende dagen enkele in de vrije natuur zullen te zien krijgen, maar dan toch het liefst op een respectabele afstand. We leren hier wat het verschil is tussen een grizzly en een zwarte beer en wat we moeten doen als we er een ontmoeten. Heel eenvoudig!  Bij een zwarte beer: veel lawaai en bewegingen maken; bij een grizzly: zeker niet roepen, niet naar kijken en je stilletjes uit de voeten maken. Alleen jammer dat het onderscheid tussen grizzlies en zwarte beren maar duidelijk is als je ze naast elkaar ziet. Het centrum herbergt ook een hele roedel wolven. Sinds enkele jaren probeert men, onder groot protest van de boeren, de wolf terug in de streek in te voeren. De dieren liggen lui te soezen tussen het struikgewas, maar ongeveer een half uur voor ze hun dagelijkse portie vlees krijgen, komt er beweging in en beginnen ze rusteloos rond te lopen. De verzorger vertelt ons hoe intelligent ze wel zijn. Ze herkennen het geluid van het autootje dat hun voedsel brengt  van mijlen ver. Het is een prachtig schouwspel wanneer het vlees wordt gevoerd.  Elk tracht zo snel mogelijk de grootste brok te pakken en er ergens mee in een hoekje weg te kruipen. Even is het groepsgevoel ver weg en is het elk voor zich. 

's Avonds gaan we eten in de Stage Coach Inn, een oud en stijlvol hotel-restaurant, waar we een half uurtje moeten wachten op een vrij tafeltje. We kiezen forel en hopen op een levend-verse, sappige vis die pas uit de rivier gehaald is. Of dat laatste al dan niet het geval is, weet ik niet, maar in alle geval is het een droog gebakken stuk vis, zonder graten. Ik denk dat Amerikanen de moeite noch het geduld kunnen opbrengen om zelf de vis van de graat te halen. Toch smaakt het ons voortreffelijk! Aan een tafel naast ons horen we voor het eerst Vlaams spreken.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (1) | Tags: usa, yellowstone, montana, idaho, west-yellowstone |  Facebook | |