20-04-10

Een stevige klim

banner jordanie
Donderdag 18 mei 2000 (2)

Als voorsmaakje op de grote klim van deze namiddag doen we de 107 trappen naar de Koningsgraven. Als je even omkijkt zie je in de diepe vallei pas echt hoe groots en wijds het hier is; de mensen zijn maar kleine stipjes. Onderweg zit een oude man te spelen op een soort koperen strijkinstrument. Jordanie 19Af en toe zingt hij op een klaagtoon met een rauwe keelklank. Boven gaan we één van de grafkamers binnen en treffen er wellicht een van de mooist gekleurde wanden. De kamer heeft zo’n akoestiek dat elk gesprek luid weergalmt. Onze gids – eigenlijk is het opnieuw de neef, want Victor is beneden gebleven – wil dat we in groep een Belgisch liedje zingen. Het wordt “Frère Jacques” in het Frans. Zo blijkt nog maar eens hoe pover het gesteld is met onze zangcultuur. Wanneer we terug afdalen naar het dal zitten overal vrouwen, met soms heel kleine kinderen, op een rotsblok hun waren te verkopen. Heel schilderachtig, maar wat ze te verkopen hebben kan ons niet bekoren. Op de middag bereiken we een nieuwbouw midden in de Petra-site. Het is een restaurant met groot terras en zelfs een heuse barbecue. Jammer genoeg is voor ons een tafel binnen gereserveerd. Het is er overvol en warm en het eten is niet veel zaaks. Hier ligt het begin van onze wandeling naar het hoog in de bergen gelegen Ed Deir, ook het Monasterium genoemd. Het is een fameuze klimpartij waarbij in totaal meer dan zevenhonderd trappen moeten overwonnen worden. Niet iedereen van de groep gaat mee, maar wij willen ons niet laten kennen! En gelukkig maar, want het loont de moeite. Het landschap is ronduit schitterend. Af en toe moeten we even opzij voor een ezeltje dat op onbegrijpelijke manier de berg op en af gaat zonder zijn poten te verzwikken. De schaarse toeristen die zich tot een ritje hebben laten verleiden, hebben er ongetwijfeld al lang spijt van. Het is eerst Jordanie 18en vooral moeilijk om in het zadel te blijven, maar het is vooral geen gezicht; de ezeltjes lijken veel te klein om de grote en dikke Europese of Amerikaanse toeristen te dragen. Toch hebben ze duidelijk veel minder moeite dan hun passagiers die zich hopeloos belachelijk voelen en het ook zijn. Een Amerikaan, die zich nauwelijks overeind weet te houden, roept in het voorbijrijden: “Never again! You better walk!„. Na veel zuchten en zweten en na ettelijke rustpauzes, komen we boven waar de rest van onze groep al is aangekomen. Zij zijn amper tien minuten voor ons boven gekomen en aangezien wij bijna tien minuten later zijn vertrokken, hebben zij er dus even lang over gedaan. Een frisse cola verjaagt al gauw de vermoeidheid. Toch hebben we geen zin om nóg wat hoger te gaan voor een nog beter zicht op de rotsgevel. Nadat we zijn uitgerust, snuffelen we nog wat rond in de tent met souvenirs en zien er mooie  zilveren doosjes. Vijftien dinar of bijna duizend frank. Afbieden dus! Ik wil er maar twaalf voor betalen en bied dus tien, maar de verkoopster reageert met een duidelijk “no!„. We laten het dus maar en gaan weg. Na tien minuten hebben we er al spijt van… De scheikundeprofessor loopt nerveus rond. Louise is nog een eindje verder gaan wandelen en is nog altijd niet terug. Of zou ze al naar beneden zijn? Ze hebben duidelijk slecht afgesproken en de professor wordt steeds nerveuzer. Uiteindelijk beslist zij een briefje achter te laten bij de souvenirshop. Jordanie 20Zinloos volgens mij want waarom zou Louise daar gaan kijken als ze terugkomt? Françoise wil met enkele anderen naar beneden vertrekken en vraagt ons of wij ons over een oudere dame willen ontfermen die ook al haar echtgenoot is kwijtgeraakt. Of beter gezegd: hij is háár kwijtgeraakt, want ze heeft gezien dat hij aan de afdaling is begonnen, wellicht in de waan dat zijn echtgenote al op weg was naar beneden. Ze heeft nog zijn naam geroepen, maar hij heeft het niet gehoord en is zonder haar vertrokken. De dame is ruim in de zestig en niet al te vast te been zodat ze bij elke moeilijkheid een steuntje nodig heeft. En dat blijkt niet overbodig want zonder mijn houvast was ze zeker al een tweetal keren uitgegleden en gevallen. De afdaling is nog mooier dan de beklimming omdat je nu voortdurend de diepe vallei vóór je ziet liggen en natuurlijk ook omdat het minder lastig is. Je kan beter rondkijken en genieten van de prachtige kleurschakeringen van de rotsen. Na een halfuurtje ontwaart onze beschermelinge haar echtgenoot; hij heeft van anderen gehoord dat zijn vrouw nog achter is en zit hier al een uur op een rots te wachten. Ze zijn ons beiden dankbaar voor onze hulp en terwijl we staan te praten komt zowaar ook Louise voorbij. Ze heeft uiteraard het briefje niet gezien en ze kijkt beteuterd als ze hoort dat haar vriendin zo ongerust was. Toch is ze opgelucht als ze verneemt dat haar vriendin nu naar beneden is. Zo is alles en iedereen uiteindelijk terecht. 

Wanneer we aan het restaurant terugkomen is het al heel stil geworden in Petra. Het is halfvijf en de meeste toeristen zitten terug in de autocars. We blijven met een koel drankje nog wat nagenieten op het terras en zien hoe een Arabier een ontsnapte kameel moet nazitten. We hebben nog een lange tocht voor de boeg naar de uitgang en de vermoeidheid begint zich toch te laten voelen. We hebben nu de Siq bijna voor ons alleen. Wat een verschil met deze morgen! We kunnen alles rustig bekijken en merken nu pas dat er aan weerszijden van de kloof een afwateringskanaal in de rotsen is uitgekapt. Die Nabateeërs waren in hun tijd toch wel vernuftig. We ontdekken ook een zo goed als vergane sculptuur van een man met een kameel, wat er waarschijnlijk op wijst dat ook de rotsen van de kloof oorspronkelijk versierd moeten geweest zijn. We zijn behoorlijk moe wanneer we om halfzes terug ‘thuis’ komen. Eerst wat op adem komen en een goede douche en dan een grote koele cocktail op het schitterende dakterras. Het is er winderig en tamelijk fris en we zitten er nagenoeg alleen. ’s Avonds aan tafel krijgen we nog een staaltje van Wendy’s onvolwassenheid. Ze heeft deze namiddag in Petra een Jordaniër leren kennen en is er smoorverliefd op geworden. En… het is wederzijds, want hij heeft beloofd haar vanavond mee uit te nemen. Hij is een neef (is iedereen in Jordanië dan familie van iedereen?) van de muzikant van gisteravond. Voor de zekerheid heeft Wendy gevraagd aan Roos om mee te gaan, maar als het zo ver is gaat ze toch alleen. Iedereen in de groep heeft er plezier in en is benieuwd hoe het afloopt. Na het eten blijkt weer niemand nog behoefte te hebben aan een drankje en deze keer zijn ook wij zó moe dat we om kwart voor negen al naar onze kamer trekken. We zullen goed slapen! 

klik hier voor het vervolg

 

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: petra, jordanie |  Facebook | |

18-04-10

Het achtste wereldwonder

banner jordanie
Donderdag 18 mei 2000 (1)

Dit is de langverwachte dag: we bezoeken vandaag het beroemde Petra. We worden al om kwart voor zeven gewekt. Vanuit het venster van onze kamer zien we ten allen kant de paardjes, die de toeristen naar de ingang van de Siq zullen brengen, met hun begeleiders optrekken. Niettegenstaande we maar enkele stappen hebben te doen van ons hotel naar de ingang van Petra, moeten we toch om acht uur vertrekken. Er is zoveel te zien (om alles te zien heb je drie dagen nodig!) en het vroege uur laat ons toe  de grote massa voor te zijn. Victor oogst opnieuw veel kritiek wanneer hij bij het aanschaffen van de toegangskaartjes zolang treuzelt, dat we onze mooie voorsprong onmiddellijk weer kwijt zijn. Het is nog een beetje bewolkt, maar al gauw breekt de zon door en opnieuw wordt het een snikhete dag. Er is een massa volk. Hele groepen stromen toe en trekken meestal te voet Jordanie 16naar het begin van de kloof, de zogenaamde Siq, die naar de geheime stad leidt. Sommigen verkiezen de rit te doen met een van de kleine, vinnige Arabische paardjes, maar kunnen hiermee enkel de eerste halve kilometer uitsparen. Sinds kort zijn de paardjes immers in de Siq niet meer toegelaten omdat ze teveel verkeersoverlast en stof veroorzaakten. Voor de oudere toerist staan kleine koetsen ter beschikking, die hen wel doorheen de kloof brengen. Hun aantal is om dezelfde redenen evenwel beperkt tot een tiental. 

Hier staan we dus: aan de toegang tot wat wel eens het achtste wereldwonder wordt genoemd. Petra is een stad die ruim tweeduizend jaar geleden door de Nabateeërs is gesticht. De stad is helemaal in de rode rotsen uitgekapt en is maar toegankelijk via een twaalfhonderd meter lange kloof tussen tientallen meters hoge rotsen. Een ideale plek dus om er de enorme Nabateese rijkdom te verbergen. Toen de stad toch veroverd werd door nomadenstammen in de derde eeuw na Chr, verdween Petra uit de geschiedenis en ogenschijnlijk ook van de landkaart. Petra was helemaal vergeten tot de Zwitser Johann Burckhardt de stad in 1812 opnieuw ontdekte. Intussen is het terecht één van de grootste toeristische trekpleisters van de wereld geworden. Vooraleer we binnengaan nemen we onze voorzorgen tegen de brandende zon en de hitte: insmeren met zonnebrandolie, de nodige flessen water opslaan, de pet op en voor Christiane nog gauw een grote witte hoofddoek kopen. Ondanks de menigte genieten we van het kleurrijk spektakel. De toeristen lijken heel klein tussen de hoge wanden van de rotskloof. Victor vertelt ons dat vijfentwintig Duitse toeristen hier in 1964 de dood vonden toen het water van de rivier zo plots en zo snel steeg, dat ze er niet meer konden aan ontsnappen. Daarna stapt hij, gevolgd door de hele groep, aan hoog tempo en zonder om te zien door de Siq. Uiteraard stop ik regelmatig om te filmen en slaag er nauwelijks in om hen telkens opnieuw bij te benen. Op de duur geef ik het op en laat ze lopen; er is maar één weg, dus we kunnen ze niet kwijt geraken. Prachtig is het. Op het einde van de kloof blijft iedereen plots stil staan. Zij hebben de eerste glimp opgevangen van de indrukwekkende tempelgevel van de Schatkamer van de Farao die baadt in de ochtendzon en daardoor voor een fel contrast zorgt met de schaduw van de Siq. 

Vóór de schatkamer ligt een grote ruimte ingesloten tussen de hoge rotswanden. Het is er een drukte van jewelste: toeristen en Arabische jongetjes die van alles te koop aanbieden en de mensen trachten te overhalen tot een “taxirit” op hun ezeltje. Midden die drukte ligt een kameel rustig rond te kijken en er het zijne van te denken. Even verder ligt een hond, die er zich nog minder lijkt van aan te trekken, languit te slapen. Minutenlang staat iedereen met open mond de schitterende gevel te bewonderen. Nog veel mooier dan op de foto’s’ en vooral nog grootser. De schitterend gebeeldhouwde ornamenten zijn wel doorheen de jaren grotendeels  weggeërodeerd, maar je krijgt toch een goede Jordanie 17indruk hoe rijk en pralerig dit ooit moet geweest zijn. Door de immense ingangsdeur gaan we tussen de hoge zuilen de donkere kamer binnen en zien er voor het eerst de prachtige natuurlijke kleurschakeringen van de rotsmuren: rood, roest en zwart in grillig golvende lagen. Zo zullen we er in de loop van de dag, zowel binnen als buiten, nog talloze zien. Dit is trouwens mede het unieke van Petra. Hier is op een ongelooflijke wijze de schoonheid van de natuur benut en geïntegreerd in de bouwkunst. 

Bij het buitenkomen kopen we bij een jongetje gekleurde stenen die waarschijnlijk buiten de begane paden zo maar voor het rapen liggen. Het is een clever, ietwat ondeugend kereltje met een duidelijk gevoel voor humor. Hij spreekt behoorlijk – alleen de nodige zinnetjes – Engels, Duits, Frans… naargelang de noodzaak. Fier poseert hij voor de camera en ik koop drie stenen voor één dinar. Aan een kraampje even verder dingen we af op de prijs van een onyx-ei en betalen er uiteindelijk twee dinar (130 frank) voor. Nu wandelen we de uitgestrekte site in en komen langs de ene gebeeldhouwde gevel na de andere. Sommige zijn bijna helemaal weggesleten en nog nauwelijks te zien. In andere rotswanden zijn eenvoudige woningen uitgehouwen met enkel een donker gat als ingang. De zon brandt en de paden zijn stoffig en oneffen. Hier en daar staan grote oleanders weelderig te bloeien en overal crossen jongetjes op hun ezeltjes rond. Vooral in het Romeins Theater, waarvan de zitplaatsen in onregelmatige rijen uit de rots zijn gekapt, is de hitte verschroeiend.

klik hier voor het vervolg

08:00 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: petra, jordanie |  Facebook | |