11-09-08

Dag 7: "The Livable City"

Zondag 16 juli 2006  

We zijn al een week van thuis weg. Deze morgen ben ik weer vroeg wakker en ik zet koffie tegen dat C wakker wordt. Voor we Portland intrekken, bel ik nog even naar H om hem sterkte te wensen voor morgen. Om negen uur zijn we weg, eerst langs South Park tot aan het Portland Arts Museum, dat evenwel op dit uur nog niet open is. We ontbijten op het terras van een Starbucks in de buurt en genieten van een lekker sterke koffie met gebak. De wind is nog wat frisjes, maar de hemel is helder blauw; we zullen trouwens de hele dag geen wolkje zien. Aan de informatiedesk van het hotel hebben USA NW 32we goede en bruikbare informatie gekregen: op zondag is er een mooie kunst- en ambachtenmarkt aan Skidmore Fountain en ook het hippe Pearl District zou een bezoek waard zijn. Verder vernemen we ook dat het openbaar vervoer in heel de stad gratis is. Voor we op pad gaan, willen we echter eerst Nike Town bezoeken, dat recht tegenover ons hotel gelegen is. Als de deuren om tien uur opengaan, staan wij samen met een tiental anderen al te wachten voor de deur. Hier verkopen ze natuurlijk alleen maar sportkledij van Nike, maar de winkel biedt een enorm gamma van luxueuze en zeer dure gespecialiseerde kledij voor alle mogelijk sporten. Interessant om eens te zien, want dit is voor ons eigenlijk een onbekende wereld. We kopen niets – niet wegens ‘niet mooi’, maar wegens ‘té duur’...  

Aan het pleintje van de bierfeesten is het al opnieuw volle ambiance. Er speelt een eigenaardig fanfareachtig bandje, uitgedost in onnozele coureurpakjes, en de weinige omstanders swingen enthousiast mee. Wij hebben een ‘gesprek’ met een buiksprekerpop en drinken een gratis drankje. Toch verwijlen we hier niet lang maar nemen de tram – of zoals ze hier zeggen “the train” – richting Skidmore Fountain aan de Waterfront. Hier heeft (ook op USA NW 33zondag) de Saturday Market plaats, een drukke maar vooral kleurrijke vertoning. Toch zijn we een beetje ontgoocheld, want hier is weinig kunst te zien, enkel kitsch en allerlei rariteiten en vooral veel kleurrijke figuren. Sfeer genoeg, maar op heel de markt is er niets van voeding, op een klein afgesloten gedeelte na, waar ook alcoholische dranken verkocht mogen worden. Aan een kraampje verkoopt een vrouw niets anders dan zelf geschilderde verkeersborden. We kopen een klein geel bord met de waarschuwing “Schnauzer Xing” voor K. Na een uurtje hebben we het wel gezien en we wandelen door naar de Chinese Garden. In de zon is het intussen snikheet. De tuin is niet groot, maar wel zeer mooi: verschillende Chinese paviljoenen in een prachtige tuin, vijvers met lotussen, bruggetjes en veel bloemen. In het theepaviljoen “The Tao of Tea” drinken we niet alleen echte Chinese thee van pioenen en lychee, maar we nemen er ook twee hapjes bij: rauwe sojabonen en gevulde deegrolletjes. Een echte ontdekking, USA NW 34helemaal geen gelijkenis met de Chinese keuken die je doorgaans bij ons vindt. Ook het decor zorgt voor een unieke sfeer. We hebben wel niet veel binnen, maar het was een onverwachte culinaire ervaring. Daarna slenteren we een beetje door de straten. Het is zondag, dus overal vrij rustig. Via Burnside Street kruisen we Broadway en komen langs de 9th en 10th Street bij Powell’s City of Books, de grootste boekenwinkel in de Verenigde Staten. Het is een gebouw dat een hele blok beslaat en drie verdiepingen telt, in totaal 64.000 vierkante voet (ik weet niet hoeveel vierkante meter dat is...). Indrukwekkend. Ik koop er twee metalen clips om de bladzijden van een boek open te houden. Ik heb dat nog nergens gezien en het lijkt me handig om te lezen in bed. We stappen ook even binnen in een muziekwinkel, waar zowel nieuwe als gebruikte cd’s verkocht worden. Ze kosten respectievelijk amper 11 à 15 en 7 dollar. Zeer goedkoop, maar jammer genoeg alleen rock, soul, heavy metal en andere moderne genres. 

We zijn intussen in het Pearl District aangeland, de nieuwe hippe wijk met mooie moderne winkels in opgesmukte oude fabrieken, loodsen en lofts. Dat dit ‘the place-to-be’ is, merk je meteen aan het publiek en de vele chique auto’s. We gaan o.m. binnen in “Sur la Table”, een USA NW 35grote winkel met keuken- en kookgerei en in de “Whole Food Market” met een reuzengroot assortiment van groenten en fruit, vis en zeevruchten, vlees, kaas, gebak en noem maar op. Ik film erop los tot ik bemerk dat het hier verboden is te fotograferen zonder toestemming. Ik vraag dus om toestemming, maar daarvoor moet de winkelverantwoordelijke erbij geroepen worden. Die is zeer vriendelijk en bedankt me voor de interesse en voor het feit dat ik toestemming vraag, maar... ik kan geen toestemming krijgen. Gelukkig had ik vooraf al ruim gefilmd, zodat ik toch wat mooie beelden mee naar huis kan nemen. We slenteren nog wat verder door de wijk en stappen een andere kookwinkel binnen. In het midden van de winkel is een grote keuken geïnstalleerd, waar een tiental mannen en vrouwen kookles krijgen van een vrouwelijke professionele kok. Hier krijg ik wél toelating om te filmen, mits akkoord van de cursisten, en ook dat blijkt geen probleem. Terug op Broadway, stappen we “Columbia Sportswear” USA NW 36binnen. We kennen dit merk van sport- en adventurekledij van bij ons, en gaan eens kijken of hier interessante koopjes te doen zijn. Het is een grote zaak en het blijkt zelfs de enige winkel in heel de VS te zijn die exclusief de merkkledij van Columbia verkoopt. Het merk is trouwens beter gekend in Europa dan in Amerika, en het feit dat de stichtster een Duitse is, zal hier wellicht niet vreemd aan zijn. Portland is wel de thuisbasis. Er is een grote keuze aan mooie kleren, maar C kan niet beslissen. Ik wel. Ik koop twee hemden die ik nog net vóór sluitingstijd kan aanpassen. Als we op straat staan, merk ik dat ik mijn zonnebril mis. Die moet in de haast bij het passen uit mijn T-shirt gevallen zijn. Ik loop snel terug, maar de deur is al op slot. Ik kan gelukkig toch nog de aandacht trekken van de verkoopster die me binnenlaat, en ja, mijn bril ligt op de grond in de paskamer. Oef! De rest van de reis zonder zonnebril zou een probleem geweest zijn (hij klikt vast op mijn gewone bril en kan omhoog geklapt worden). 

En dan is de hoogste tijd voor een terrasje. Er is een plaatsje in de schaduw vrij aan het befaamde Heathman’s Hotel, een ideale plek om te genieten van de aangename temperatuur en van het bekijken van de voorbijgangers en het verkeer op de drukke Broadway. Het is er niet goedkoop: 8 dollar voor een glas Chardonnay en 6,25 voor een alcoholvrije ‘Basil Grape Refreshment’. Maar, het is genieten. We reserveren meteen maar een tafel voor het diner, want we zitten hier op nog geen 5 minuten wandelen vanuit ons hotel. Als we tegen 8 uur terugkomen, is het te koud geworden voor het terras, dus we krijgen een tafeltje in het druk bezochte restaurant. De kaart bevestigt ons de goede reputatie van het Heathman’s Restaurant. We doen ons te goed aan Seared Ahi Tuna, Halibut Poisson Cru, Alaska Halibut Confit en Roasted Black Cod. En daarbij een fles lekkere lokale Pinot Gris uit Bishop’s Creek. Het smaakt ons zo goed dat we tegen onze gewoonte besluiten nog een dessertje te delen, een portie Oregon Berries with Sauce Anglaise. Wie durft nog te beweren dat je in de Verenigde Staten niet lekker kan eten? Wij zijn al langer overtuigd van het tegendeel! De rekening loopt echter tamelijk hoog op, maar wat we te eten kregen, was zijn geld waard en overigens, 50 euro per persoon betalen we in Gent ook geregeld. Op de hotelkamer zet ik nog even de tv aan en op het nieuws vernemen we dat er op de luchthaven van Hillsboro, enkele kilometer buiten Portland, een vliegtuigje gecrasht is. Beter nieuws komt van de weerman: morgen stijgt het kwik opnieuw boven de 80°F (27°C) en voor het weekend worden zelfs recordtemperaturen van 100 à 102°F verwacht, dat is 37 à 38°C. Ze moeten nu ook niet overdrijven, vind ik, maar, klagen doe ik niet. Om 10 uur liggen we onder de wol want morgen hebben we een grote afstand af te leggen.

 

10:27 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, oregon, portland, north-west |  Facebook | |

10-09-08

Dag 6: De ontplofte berg

Zaterdag 15 juli 2006

 

Bij het ontbijt worden we bediend door een jonge studente, die zeer onzeker en bedeesd is en zich voortdurend excuseert. Dat zijn we in Amerika niet gewoon. Ze is high school studente en komt uit Eatonville, waar we eergisteren nog waren. Het blijkt pas haar tweede werkdag te zijn en dat is er goed aan te merken. Om kwart na negen zijn onze koffers ingeladen en staan we klaar om te vertrekken voor opnieuw een vrij lange rit van 200 mijl. Het is onze laatste dag in Washington, want vanavond zijn we in Portland, net over de grens met Oregon. De zon is terug van de partij, maar er zijn toch meer wolken dan gisteren. We moeten eerst de weg terug naar Elbe en dan richting zuiden. 

We maken een omweg langs Mount St. Helens. Deze winter zagen we op Canvas een documentaire over de vulkaanuitbarsting die hier in 1980 zo verwoestend is geweest en aan 57 mensen het leven heeft gekost. De vulkaan barste niet zoals gewoonlijk uit langs de krater van boven, maar hij USA NW 26blies doodgewoon de hele noorderflank van de berg weg, waardoor over een afstand van 35 kilometer zo goed als alles weggeblazen of verschroeid werd. De documentaire had zo’n indruk op ons gemaakt, dat we hier absoluut wilden komen. De Scenic Route 25 er naartoe is prachtig: rustig kronkelend, op en af door de groene bossen met mooie, zeer hoge en kaarsrechte dennen. Het landschap doet tamelijk vertrouwelijk aan. Het is alsof je in Frankrijk of Italië bent. Zéér groen. Gedurende de hele beklimming, 17 mijl lang, rijden we talloze wielertoeristen voorbij, die zich zwoegend in de hitte naar boven hijsen, de ene al moeizamer dan de andere. Via Bear Meadow en andere viewpoints met sensationeel uitzicht over Spirit Lake, bereiken we de kale strook waar de “blast” alles verwoest heeft. Het is nu ruim 25 jaar geleden en de sporen zijn nog zeer prominent, ook al heeft de natuur zich in grote mate hersteld. Er staan nog ontelbare zwartgeblakerde boomstammen overeind, die het landschap een zeer luguber karakter geven. Het meest indrukwekkende beeld is het uitgestrekte Spirit Lake, dat halfvol USA NW 27ligt met boomstammen. Ze zijn door de enorme explosie ontworteld en als lucifers 24 meter omhoog geblazen, over de bergkam tot in het meer. Het waterpeil van het meer is toen met 6 meter gestegen. Nu liggen de bomen er als duizenden getuigen te vergaan en vormen een soort eerbetoon aan de slachtoffers. Zo ver als je kan kijken is de noorderflank van de berg kaal en bedekt met grijs stof en stenen. We rijden door tot Windy Ridge, dichter bij de berg kan je met de auto niet komen. We hebben er een gesprek met een ranger die de uitbarsting zelf heeft meegemaakt. Hij vertelt over de mensen uit de tv-documentaire: de uitbater van het winkeltje aan Spirit Lake, die zijn huisje niet wou verlaten; de jonge geoloog die dicht bij de berg metingen moest doen en die nooit terug gevonden werd; de talrijke ramptoeristen die niettegenstaande ze binnen de veiligheidszone van 10 mijl bleven, toch verrast werden en het met hun leven moesten bekopen. Hijzelf woonde enkele kilometer hier vandaan en herinnert zich dat alle straten met stof waren bedekt. De auto’s mochten maximum 5 mijl per uur reden, maar er waren toch gekken die zich daar niet aan hielden, zodat het stof opwaaide en alles volledig verduisterde. Toen begon het te regenen en het stof werd één glibberige brij, zo glad als sneeuw. Het stof, de hitte, de luchtverplaatsing, hij zegt dat hij dit nooit vergeet. 

Mount St. Helens heeft ook op ons een onvergetelijke indruk gemaakt. Ik ben zeer blij dat we deze omweg gemaakt hebben want het zou zonde zijn geweest dit te missen. Niet alleen de getuigenissen van de ramp, maar zeker ook het imposante landschap. Het weer was ideaal: helder, geen wind en volle zon. De terugweg loopt verder zuidwaarts langs de route 25. Bij een fotostop ontmoeten we een Franse familie met mobilhome, op zoek naar een benzinestation. Ik verwittig hen dat wij er in tientallen mijlen geen enkel hebben gezien en raden hen dan ook aan om rechtsomkeer te maken naar Cougar, dat ze net zijn voorbij gereden. Ze hebben niet het minste idee; ze hebben nog nooit van Mount St.Helens gehoord en... ze USA NW 28hebben niet eens een wegenkaart bij. Even verder belanden wij in een dorpje (nou ja...) met de mooie naam Climber’s Register. Er is welgeteld één restaurant dus we hebben geen keuze: Jack’s Restaurant. We stappen dus maar binnen. Het ziet er zo “echt” uit, dat ik de hele zaak op video vastleg en we eten er (te) overvloedig: club sandwich en chicken strips met french fries. Ze smaken heerlijk! Dan gaat de tocht verder, nog steeds door een zeer mooie streek, maar een totaal ander landschap: groen en zeer rustig, maar hier is landbouw. De boerderijen zijn groot en in de typisch rode kleur geverfd, doorkruist met witte balken. De velden zijn enorm uitgestrekt en op één ervan staan struiken met grote blauwe vruchten; we vermoeden dat het druiven zijn, maar als we dichterbij gaan kijken, blijken het reuzengrote bosbessen te zijn. Zowel de struiken als de bessen zijn minstens drie keer zo groot als bij ons. In de late namiddag - de zon staat al laag, maar schijnt nog USA NW 30hevig – bereiken we Battle Field. Dit lijkt dan toch een heus dorpje te zijn. We besluiten een kijkje te gaan nemen en volgen de wegwijzers naar het City Center, want we willen wel eens zien hoe zo’n plattelandsdorp er hier uit ziet. Een paar straten zijn afgezet. Er blijkt iets te doen te zijn, of beter gezegd, pas afgelopen, want de mensen trekken naar huis. Aan weerszijden van de hoofdstraat staat een rij oldtimers opgesteld, prachtige, glimmende Amerikaanse sleeën, in de meest opvallende kleuren: wijnrood, fel groen, turkoois. Ze staan te blinken in de zon en hun eigenaars blinken al evenveel van trots, zeker als wij een foto maken van hun kleinood. De statische show is inderdaad afgelopen, en de limousines zetten zich één voor één in beweging. We hebben geluk, want voor de video is dat natuurlijk een buitenkans. 

Het is nog slechts een 20-tal mijl naar Portland, onze bestemming voor vandaag. We rijden langs de vrij drukke I5 en verlaten de staat Washington. We rijden Oregon binnen zonder het te merken. Grensovergangen bestaan niet in de USA, maar we hebben ook nergens een bord gezien dat ons in Oregon verwelkomt. We hebben het wellicht gemist. USA NW 31Het binnenrijden van Portland is indrukwekkend: eerst over een grote brug over de Willamette River en dan de stad in langs de brede (hoe kan het anders?) Broadway, een chique winkelstraat. Vooral de grote en dure auto’s vallen ons op en de Volvo’s zijn niet te tellen! Er loopt ook veel “mooi” volk op straat. Dit is een heel andere stad dan we gedacht hadden, niet alleen veel chiquer, maar ook veel groter; echt de allure van een wereldstad. Het valt niet mee om het Hilton hotel te vinden, maar met de hulp van een vriendelijke parkingbewaker lukt het ons toch nog vrij snel. Het Hilton hotel is werkelijk poepchique: 757 kamers, een indrukwekkende lounge met veel marmer en een monumentale trap, drie restaurants, twee binnenzwembaden. Onze kamer ligt op de 8e van 23 verdiepingen en als we door het venster kijken, zien we ons hotel helemaal weerspiegeld in de glazen wolkenkrabber aan de overkant. Mooi beeld! We nemen zeer snel onze intrek en vertrekken meteen voor een eerste verkenning van de stad. Het is hier intussen 80° F (26,7° C). Op een centraal plein is er een bierfeest aan de gang (Portland is een bierstad) maar een live orkestje maakt er zo'n kabaal, dat we er zo ver mogelijk wegblijven. We wandelen liever wat rond door de gezellige en drukke downtown. Het is zaterdagnamiddag, mooi weer en iedereen flaneert door de stad, waar de zon stilaan begint onder te gaan. We genieten van een koffie op een terrasje en kijken naar de kleurrijke voorbijgangers. 

We hebben echt geen honger, maar tegen 21 uur vinden we het toch geraadzaam om een kleinigheid te gaan eten en we komen terecht bij Pazzo. Die naam trekt ons aan, want één van onze lievelingsrestaurants in Antwerpen draagt dezelfde naam! Het is een drukbezocht en stijlvol Italiaans restaurant en het eten is prima. Opvallend verschil met Washington is dat er hier in de restaurants geen taks meer moet betaald worden, enkel 15 à 20% dienst. Het is een waardige afsluiting van een prachtige dag. Het is laat als we op onze kamer komen. Voor het eerst sinds Seattle hebben we een tv op de kamer, een Philips met groot flatscreen. Op televisiegebied zijn ze in Amerika nog niet veel veranderd: tientallen stations, voortdurend reclame, zeer veel nieuws, maar alles flitsend kort en oppervlakkig. Met plezier horen we dat de weersvooruitzichten voor heel de volgende week zeer goed zijn.

10:19 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, oregon, portland, washington, north-west |  Facebook | |