05-09-08

Dag 1: Starbucks en Seattle's Best

Maandag 10 juli 2006 

 

Mijn nieuwsgierigheid naar wat komen gaat, blijkt het te winnen van mijn vermoeidheid want ik ben al wakker om 5 uur. C ligt nog lekker te slapen, dus ik hou me zo stil mogelijk. Terugdenken aan gisteren, vooruitdenken aan wat ons vandaag te wachten staat, nog wat napiekeren over de huurauto: standard of full size, de ontbrekende bagagecover...Dat zal wel meevallen zeker? In ieder geval viel de eerste kennismaking met de Saturn gisterenavond wel mee: comfortabel en ruim, rijdt vlot, gemakkelijk te bedienen, dus wat wil je nog meer? Ik slaag erin om aldus piekerend stil te blijven liggen tot 7 uur. Dan zet ik mij achter het bureau om mijn dagboek aan te vullen. C blijft doorslapen en wordt pas wakker als ik een douche neem. 

Om 8.30 uur zijn we er klaar voor. Te voet naar downtown of zullen we de shuttledienst nemen of het openbaar vervoer, dat hier gratis is? We wagen het erop te voet en dat blijkt geen enkel probleem, want het is amper 4 à 5 USA NW 4blokken naar Pike Place Market aan de Waterfront. We hebben gelezen dat een bezoek aan deze voedingsmarkt een absolute must is en aangezien wij dol zijn op markten, staat dit bovenaan ons lijstje voor vandaag. De markt opent pas om 9 uur, maar het duurt niet lang of alle winkeltjes worden actief. Pike Place Market strekt zich uit over een hele wijk, maar het centrum is wel een centraal gebouw dat veel gelijkenis vertoont met de hallen in het Zuiden van Europa. Het is een allegaartje van kraampjes met bloemen, groenten en fruit, kaas, vlees en natuurlijk vooral vis: Alaska heilbot, Dungeness krab, North-West zalm, Ahi tuna en nog vele andere soorten. Er lopen zeer fotogenieke types rond: echte Amerikanen, maar ook opvallend veel Aziaten. We weten niet waar eerst filmen en fotograferen, maar onze maag protesteert; we hebben nog niet ontbeten. Op het eerste gezicht is hier niet veel te vinden, maar we vragen raad aan een visverkoper die ons aanspreekt om te vragen waar wij vandaan komen. Als hij hoort dat we Belgen zijn, wil hij weten of we gisteren voor de Italianen of voor de Fransen gesupporterd hebben. Hij zelf spreekt zijn voorkeur niet uit, maar hij spreekt schande van Zidane die zich ten aanzien van de hele wereld belachelijk gemaakt heeft. Hij verwijst ons naar “Howell’s”, een restaurant-deli waar we echt Amerikaans kunnen ontbijten. Het is als uit de film geknipt: druk, zeer eenvoudig en informeel en vooral een ongedwongen, losse en zelfs vrolijke sfeer. Het eten is voortreffelijk en zeer copieus. Ik neem een Market Breakfast (twee eieren ‘sunny side up’, bacon, aardappelen en toast) en Christiane gaat voor de Smoked Alaska Salmon (met een bagel, zure room en kappertjes). We zitten aan het venster met weids uitzicht over de haven. Fantastisch! 

Bijna de hele rest van de voormiddag slenteren we rond op en rond de markt en nemen foto na foto. Dit zal wellicht de eerste en enige markt zijn die we op deze reis te zien krijgen. Een attractie is de “flying fish” waarvoor een hele horde toeschouwers geduldig staat te wachten tot iemand een bestelling doet. Bij elke bestelling beginnen de verkopers naar elkaar te schreeuwen en de bestelde vis wordt uit de bakken USA NW 3genomen en met een grote zwier door de lucht geslingerd naar de man aan de toog, die hem handig opvangt en inpakt. We kopen kersen, rode en witte, die er overheerlijk uitzien en... dat zijn ze ook. Zó groot en zó smaakvol heb ik ze nog maar zelden geproefd. We eten verder nog een paar van die kleine platte perzikjes (we hebben die in Sicilië voor het eerst gezien) en hiermee stellen we ons voor deze middag tevreden. We wandelen langs de pieren naar de “Waterfront”. Het is er eerder stil en de terrassen liggen er verlaten bij. Dat komt door het vrij frisse maar vooral grijze weer. Washington staat niet alleen bekend als de “rainy state”, en Seattle heeft ook de bijnaam van “rainy city”. Maar eigenlijk valt dat vandaag nog goed mee. USA NW 5Ons deert het niet, maar toch kunnen we vandaag een vestje verdragen. We wandelen verder langs 1st Street en gaan hier en daar een winkel binnen. Er zijn zeer mooie zaken bij, zowel van chique en trendy kleren, als van modern en vooral ‘vintage’ huisdecoratie en keukenmateriaal en delicatessen, bakkerijen, enz. Het leukste is een ‘Bakery for Dogs’: een assortiment van koekjes en taartjes die qua variatie niet moet onderdoen voor de mooiste patisserieën van bij ons. Crazy! We stappen Macey’s binnen op zoek naar mooie en goedkope T-shirts, maar komen met lege handen buiten; 25 dollar vind ik niet goedkoop genoeg. In een fotozaak ga ik uit nieuwsgierigheid eens informeren naar de prijs van digitale fototoestellen: 350 en 400 USD voor respectievelijk een Canon SD600 en SD630, de equivalenten van de Ixus bij ons. Inderdaad een stuk goedkoper, maar qua modellen lopen ze duidelijk een jaartje achter op Europa. 

Vooraleer we onze tocht verder zetten naar het Seattle Center, gaan we nog even langs in het hotel om – letterlijk en figuurlijk - onze batterijen op te laden. Het is warmer geworden, 73° Fahrenheit of 23° Celsius, maar de zon blijft uit. Het blijkt een lange wandeling te zijn naar het Seattle Center en eigenlijk weten we niet goed wat we daar moeten verwachten: een winkelcentrum, een pretpark? Het blijkt gewoon een groot park te zijn waar een aantal culturele en ontspanningsmogelijkheden zijn geconcentreerd. Hier staat ook de 184 meter hoge Space Needle, die de skyline van Seattle domineert. Verder staan er enkele grote moderne kunstwerken, is er een USA NW 6sportstadion en een groot pretpark, maar dé verrassing is een zeer futuristisch gebouw van Frank Gehry, de man die ook het beroemde Guggenheim Museum in Bilbao bouwde. De stijl is direct herkenbaar: een grillig gevormd gebouw in glanzend aluminium zonder rechte lijnen. Hier zijn het Science Fiction Museum én het Sound Experience Center gehuisvest, twee onderwerpen waarvoor we niet erg warm lopen. We beperken ons dan ook tot een oppervlakkig bezoek aan de publieke ruimtes om toch een indruk te hebben van de architectuur. Indrukwekkend. 

Het is inmiddels half vijf en we hebben dus nog wel wat tijd over. We wandelen terug naar de Waterfront waar we een mooi panoramisch USA NW 7uitzicht hebben op de stad. We hebben wel zin in een koffietje en gaan op zoek naar een ‘Starbucks’ Coffee Shop. Seattle is de thuishaven van Starbucks. Ze begonnen hier in 1971 met een eerste coffee shop op Pike Place Market en hebben er nu niet minder dan 99 in Seattle en... meer dan 10.000 in de hele wereld. Jammer genoeg geen enkele in België! Nochtans vinden we geen Starbucks bar en we stappen dan maar binnen bij ‘Seattle’s Best’, één van de vele andere koffieketens in de stad. Zij gaan er prat op dat ze “al ver vóór Starbucks” zijn opgericht, namelijk in... 1970. Ook hier smaakt de koffie prima en de bar straalt echt sfeer uit met zijn authentiek 1970-interieur. De huiskleur is rood, de kleur van het merklogo: rode faiencesteentjes aan de bar en met rood skaileder overtrokken barkrukken en stoeltjes met chromen pootjes. Ook de koppen (mugs) en de grote kartonnen bekers zijn uiteraard rood. We genieten van de koffie maar ook USA NW 8van onze eerste rustpauze van de dag. Onderweg vinden we een bankautomaat waar ze ook Maestro aanvaarden. Een goede zaak, want de dollars gaan er, weliswaar met kleine sommen tegelijk, veel sneller door dan je zou denken. We tanken dus beter maar wat bij want je weet maar nooit dat dat straks buiten de grootstad niet zo gemakkelijk gaat. Om kwart na zes zijn we terug in het hotel. Net tijd genoeg om ons wat te verfrissen en eventjes uit te blazen. Ik durf niet te schatten hoeveel stappen we vandaag gedaan hebben, en dan nog regelmatig bergop en bergaf. Het spijt me dat ik mijn stappenteller niet heb meegenomen. We hebben gereserveerd in restaurant “The Flying Fish”, die in de gidsen beschreven staat als één van de beste visrestaurants van de stad. Als we er om 8 uur aankomen, is het er zeer druk. Maar goed dat we gereserveerd hebben. We eten er buitengewoon goed, zeker even goed als in de beste restaurants van bij ons. De kaart vermeldt de mogelijkheid van ‘meals meant to share’; een goed idee en daar maken we dankbaar gebruik van. We delen eerst een portie mosseltjes met een chili lime dipping sauce. Heerlijk! Maar het hoofdgerecht is echt een openbaring: levend verse Alaskan halibut met sea beans, cucumber en een ginger cellophane noodles salad overgoten met een black bean vinaigrette. Om je vingers af te likken. Deze vis gelijkt helemaal niet op de heilbot die we bij ons kennen: hij is spierwit, glanzend, zeer sappig en valt uiteen in kleine lamelletjes. Het is merkbaar dat deze kok ooit de beste chef van de North-West werd genoemd en dat dit restaurant in 2005 werd uitgeroepen tot beste restaurant. De rekening valt daarenboven reuze mee: amper 70 dollar voor twee, maar dat komt mede doordat ze de wijn zijn vergeten aanrekenen... Mét dienst komen we er vanaf met 80 dollar. Dit is op culinair gebied een start die veel belooft!

10:07 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: usa, seattle, washington, north-west |  Facebook | |

02-09-08

Dag 1: Aankomst in Seattle

Zondag 9 juli 2006 

 

Zoals we dat gewoon zijn, hebben we ook deze keer geen risico genomen: de taxi naar Zaventem is besteld tegen half acht en we laten de wekker alvast aflopen om zes uur. Zo hebben we rustig de tijd om ons klaar te maken en de laatste zaken in de valies te steken. De taxichauffeur blijkt echter nóg minder risico's te nemen, want om zeven uur belt hij al aan. Hij is wat vroeger gekomen want hij moet nog een klant oppikken om zeven uur aan Holiday Inn en… hij is graag op tijd! C is nog op de badkamer en ik laat de brave man maar binnen. We moeten ons niet opjagen, zegt hij. Hij is een gezette 60-plusser, gepensioneerd aannemer, later buschauffeur en nu zeer gedreven occasioneel chauffeur voor luchthaventransporten. Maar dat is blijkbaar zijn passie. Hij praat onophoudelijk –in de auto moet ik zelfs naast hem gaan zitten, zodat hij wat kan praten… Christiane heeft zich blijkbaar toch opgejaagd, want om tien na zeven zijn we al gepakt en gezakt vertrekkensklaar. Het zweet staat op haar voorhoofd. De buurvrouw komt nog even goede reis wensen en we zijn weg! 

De taxi is een mooi, comfortabel Mercedesbusje. Via Flanders Expo, waar we een Amerikaanse zakenman oppikken, gaat het aan een zeer gezapig tempo over de autosnelweg naar Brussel. Er is weinig verkeer en de hemel is zwaarbewolkt. Toch is er een file aan de luchthaven als we er om 8.20 uur aankomen. Op de luchthaven is het zeer druk en vooral aan de balie van American Airlines staat een lange rij reizigers aan te schuiven. We hebben geluk, want om tijd te winnen, laten ze ons inchecken aan de First Class balie. Geen probleem van overgewicht want we hebben amper 37 kilo bagage voor ons beiden, waar we recht hebben op vier koffers van 23 kilo elk. We hebben ons beperkt tot twee valiezen, maar met eentje van 22 kilo zitten we toch dicht bij de limiet. En we zijn er nóg niet! We moeten opnieuw aanschuiven voor de bagagecontrole - sinds 9/11 zijn ze voor Amerika zeer streng – en na een uurtje kunnen we eindelijk naar de Diners Club Lounge voor een koffie. We nemen het zekere voor het onzekere en vertrekken ruim op tijd naar de gate. Gelukkig maar, want hier wacht ons zowaar nog de strengste controle: schoenen uit, handbagage helemaal leegmaken, video- en fototoestel aanzetten en een volledige scan. Alles verloopt echter in een vriendelijke, zelfs gemoedelijke sfeer. Om 10.30 uur kunnen we eindelijk inchecken en om 11.05 uur, stipt op tijd, gaat onze Boeing 767 de lucht in. We zijn al vier uren van thuis weg en nu pas zijn we écht vertrokken. We hebben mooie plaatsen (daar heeft Hilde van Flandria Reizen voor gezorgd): voorin, net achter de business seats. De vlucht naar Chicago verloopt prima, maar duurt verschrikkelijk lang: 9 uren! Twee keer krijgen we te eten: een middagmaal en tegen 6 uur nog een pizza. Het smaakt niet slecht. OhareHeel de reis blijft het klaar, maar de hemel is de hele tijd bewolkt, zodat we niets te zien krijgen. We landen op Chicago O'Hare Airport, stipt op het voorziene tijdstip: 20.05 uur of 13.05 uur lokale tijd. Het is zonnig en 28° C. O'Hare is een mooie, maar bijzonder grote luchthaven. Men had ons gewaarschuwd dat we de vier uren wachttijd nodig zouden hebben voor de controle, maar na amper een uurtje zijn we al door douane én immigration. Ik moet mijn bril afzetten voor een scan van mijn gezicht en na het nemen van vingerafdrukken, mogen we de USA binnen. De jongedame die de controle uitvoert, heeft een zeer strenge blik. De regels verbieden haar waarschijnlijk om vriendelijk te zijn. Dat moet moeilijk zijn, lijkt me. Nu nog de bagage ophalen, ze persoonlijk door de douane dragen en opnieuw inchecken.  

Het is pas 14.10 uur, dus proberen we over te boeken op een vroegere vlucht. Die zit jammer genoeg vol, dus zijn we gedoemd om nog een paar uurtjes op de luchthaven rond te dolen. Op de schermen met de vluchtgegevens is er hier en daar een waarop de finale van de wereldbeker voetbal tussen Italië en Frankrijk live wordt uitgezonden. Overal staan groepen mensen de wedstrijd te volgen en het zijn duidelijk niet alleen Europese toeristen. Ook de Amerikanen lijken in de match op te gaan. Het is trouwens zeer spannend tot Zinédine Zidane, de Franse topvedette, een onbegrijpelijke fout begaat en uitgesloten wordt. Italië haalt het tenslotte en in het publiek stijgt luid gejuich op. De Italiaanse supporters zijn duidelijk in de meerderheid. Zo gaan onze vier uren wachttijd toch nog vlug om. We krijgen honger en willen niet wachten tot de maaltijd op onze volgende vlucht want wie weet wat wordt het maar. We kopen een Franse baguette (kwestie van de onfortuinlijke Fransen toch nog iets te gunnen...) met kip en pesto. Het is een slap broodje, maar het smaakt desondanks. 

De vlucht naar Seattle is om 17.15 uur. Zoals gezegd, O’Hare is een immense luchthaven met niet minder dan 5 terminals. We moeten met een monorail naar terminal 3 voor de binnenlandse vluchten. Het ziet er ondanks alles allemaal niet zo anders uit dan bij ons. Zijn de Europese luchthavens (en de mensen) Amerikaanser geworden of is het omgekeerd? We zijn intussen natuurlijk ook al wat meer gewend geraakt aan Amerika en dus minder onder de indruk dan bij onze eerste reis, maar toch... Ik ben ervan overtuigd dat wij in Europa in álles de Amerikanen gevolgd zijn, stilletjesaan en zonder het te beseffen: bouwstijl, woninginrichting, kledij, noem maar op. Vele Europeanen hebben het trouwens nog niet door en blijven maar afgeven op Amerika, terwijl ze het intussen meer en meer kopiëren. Het American Airlines vliegtuig dat ons naar Seattle brengt, is veel kleiner en van een ouder type: een S80. USA NW 1Het is ongelooflijk druk op de startbaan. In de rij vóór ons staan zes toestellen te wachten om op te stijgen. Het is echter niet lang wachten, want er verloopt geen twee minuten tussen het opstijgen van twee vliegtuigen. Gelukkig dat we onze voorzorgen hebben genomen want op de vlucht krijgen we enkel een frisdrankje aangeboden, niets te eten. Ik word slaperig en het lezen valt me steeds moeilijker. Maar slapen is er niet bij. We genieten onderweg van een prachtig uitzicht: mooie bergketens (o.a. Mount Rainier, denk ik), uitgestrekte velden die door kaarsrechte wegen in immense gelijke vierkanten worden verdeeld. In sommige velden zijn er reusachtige cirkels gemaaid. We zijn inmiddels al ruim 22 uren op wanneer we in Seattle landen, en toch is het nog maar 19.20 uur. Het is licht bewolkt en 28° C. 

Ook de luchthaven van Seattle is vrij groot en zeer modern. Het is even zoeken naar Alamo, waar we onze huurauto moeten afhalen. Aan de balie worden we geholpen door Umi, een Noorse die een tijd in Rotterdam gewoond heeft en dus behoorlijk Nederlands spreekt. Dat scheelt een stuk, want er ontstaat wel wat verwarring. Umi is zeer joviaal en vriendelijk en belooft ons een extraatje: een splinternieuwe Cadillac die naar LA moet gebracht worden. Maar dat is zonder Mamadou gerekend, de Senegalees die ons in de immense garage naar onze auto moet brengen. Volgens hem is dat niet de klasse waarvoor we betaald hebben en wij beginnen te twijfelen of we nu een SUV Standard of Full Size hebben besteld. Mamadou beweert dat wat wij in Europa ‘Full Size’ noemen, in de US ‘Standard’ heet. Wie zijn wij om dat tegen te spreken? Uiteindelijk presenteert hij ons een mooie witte jeep, zo goed als nieuw. Ziet er leuk uit, dus we nemen hem, ook al is er nog wat discussie over de ontbrekende bagage cover. Volgens Mamadou heeft dit type auto nooit een bagage cover en rijden de meeste Amerikanen zonder cover. Dat blijkt achteraf inderdaad en uiteindelijk is er geen probleem, want door de getinte ruiten zie je de inhoud van buitenuit toch niet liggen. Een Amerikaanse klant heeft de discussies geamuseerd gevolgd en spreekt ons aan omdat hij hoort dat wij Belgen zijn. Hij is dol op België, want hij was er op huwelijksreis. 

Nu nog de weg vinden naar ons hotel. We beschikken over een goede wegbeschrijving van Mapquest, maar het kluwen van snelwegen rond de luchthaven brengt ons toch even van de wijs. We missen een afrit, maar slagen er vrij snel in om onze fout te herstellen. Het verkeer over de twee maal vier rijstroken is druk, maar rustig en gedisciplineerd. Het is een halfuurtje rijden naar de stad: IS 5 North, exit 165, 2e blok rechts en tenslotte 7e blok rechts. De routebeschrijving klopt perfect. Het binnenrijden van Downtown Seattle biedt een onvergetelijk spektakel dank zij een kleurrijke zonsondergang. De skyline van de binnenstad (een beetje mini New York) steekt donker af tegen dreigende wolken met oranje, rode, gele en zelfs turquoise kleuren. Het drukke verkeer en het uitkijken naar de juiste afrit laten ons jammer genoeg niet toe om foto’s te maken. Als we eindelijk aankomen aan het Warwick Seattle Hotel, is het 21.30 uur en donker. Een ‘valet’ brengt onze auto naar de garage. Onderweg heb ik vruchteloos gezocht naar het merk ervan, maar noch op het dashboard, noch op het stuur vond ik een logo of merknaam. Bij het uitstappen lees ik op de achterkant dat het een Saturn Vue is, een GM-product dat op de Europese markt niet bestaat. Voor mij is het echter een oude bekende, want in 1997 bezocht ik de Saturnfabriek in Spring Hill, Tennessee, die toen gold als een benchmark voor haar efficiëntie, maar vooral voor het sociale beleid dat er gevoerd werd. 

Behalve een kleine groep van 10 à 15 wolkenkrabbers, doet het centrum van Seattle, waar ons hotel middenin ligt, eerder Europees aan. Vanop onze kamer hebben we een mooi uitzicht op de lichtjes van de stad, waarin de Space Needle het beeld domineert. We hebben niet veel tijd om ervan te genieten, want de vermoeidheid laat zich nu wel duidelijk voelen. Om 22.30 uur liggen we in bed en... nog één klein probleempje: we vinden nergens de schakelaar om het licht uit te doen! Er zit niets anders op dan hulp in te roepen. Een bediende toont ons het knopje, dat zeer goed verstopt zit onderaan de nachtlamp. Eindelijk donker en in bed! We vallen als een blok in slaap. Bij ons in België is het nu 7.30 uur!

09:56 Gepost door C en C | Permalink | Commentaren (0) | Tags: reizen, usa, seattle, washington, north-west |  Facebook | |